DB Actueel Online

Op gezette tijden wil de website aandacht besteden aan actuele ornithologische fenomenen. De Nederlandse vogelaars worden (gelukkig maar) nog regelmatig verrast. Door een influx van een bepaalde soort of bepaalde soorten, door een uiterst zeldzame soort waarvan de meeste vogelaars nog niet eens de juiste Nederlandse naam weten, door onverwachte determinatieproblemen en dergelijke. De kracht van dit medium is dat er direct en interactief ingegaan kan worden op deze spannende gebeurtenissen in het veld. Wat is er precies aan de hand? Wat is hier al van bekend? Is er al eerder over geschreven in Dutch Birding? Hoe denkt men in het veld hierover?

Jaaroverzicht 2019

28 december 2019  ·  Wietze Janse, Garry Bakker & Arnoud B van den Berg  ·  6324 × bekeken

Het jaar 2019 liet zich kenmerken door soorten die veel stof deden opwaaien, soms met betrekking tot de herkenning maar ook regelmatig vanwege de status: kan de vogel hier wel of niet zelf komen? Leuke en leerzame discussies volgden, soms op het scherpst van de snede, en sommige zullen waarschijnlijk nog even voortduren, ten minste tot de uiteindelijke beslissing van de CDNA. Opvallende gevallen in dit verband waren onder meer die van 'witstuitige gierzwaluw', Indische en Grijskopkievit, Sakervalk, Schildraaf, Groene Fitis, Grijskoppurperkoet, Grote Vale Spotvogel en Witkeelgors. Andere leuke soorten met minder discussie waren Alaskastrandloper, Grote Pijlstormvogel, Monniksgier, Kalanderleeuwerik, Bruine Lijster en Kleine Regenwulp. Op waarneming.nl werden dit jaar tot dusver 392 soorten gemeld, maar mogelijk zullen niet alle de toets der kritiek doorstaan. Fanatieke jaarlijsters kwamen hiermee tot dik over de 300, maar jaarrecords werden niet verbroken (zie verder hieronder).

Opmerkingen vooraf: - via de oranje hyperlinks zijn achterliggende verhalen na te lezen; - veel waarnemingen zijn nog niet beoordeeld door de CDNA; als ze hier worden genoemd impliceert dat dus niet dat ze zullen worden aanvaard en bovendien kan de eerste of laatste waarnemingsdatum afwijken.

Twitch Witkeelgors Zonotrichia albicollis, Maasvlakte, Rotterdam, 28 oktober 2019 (Diederik Kok)

Gewoontegetrouw beginnen we bij de ganzen en wel met Zwarte Rotgans, Witbuikrotgans en Roodhalsgans. Deze soorten waren ook in 2019 op de bekende plekken te zien. Opvallend waren 14 Witbuikrotganzen in de omgeving van Breskens ZL. Zwarte Rotganzen werden gemeld uit 26 uurhokken, met een leuke binnenlandwaarneming in de omgeving van Mijdrecht UT. Er zwierven ook Ross’ Ganzen door het land, waarvan minstens één ongeringd en met een gaaf verenkleed, maar ook meerdere geringde. Een Groenlandse Kolgans verbleef op 12 januari bij Oostwoud NH en een ander exemplaar van 6-19 maart bij Emmadorp ZL. Taigarietgans is nu echt een zeldzame soort geworden, met nog maar enkele waarnemingen die de toets der determinatiekritiek kunnen doorstaan. Dwergganzen kennen we allemaal van de Zweedse populatie, traditiegetrouw vanaf september verblijvend bij Strijen ZH (maximaal 47 in oktober) en maanden later, op de terugweg, bij de Putten van Camperduin NH (met maximaal 43 in januari). Het leukst blijft het om die enkele Dwerggans tussen andere soorten ganzen op andere plaatsen te vinden, omdat daarbij een andere dan een Zweedse herkomst mogelijk is. Echter, een groep van negen (waarvan acht gekleurringde) Zweedse exemplaren bevond zich eind februari op de rand van de Groote Peel LB. Een mannetje Bronskopeend GE werd 27 december ontdekt in Voorst GE. Begin oktober, vlak voor het Dutch Birding-najaarsweekend op Texel, doken er foto’s op van een mogelijk vrouwtje Blauwvleugeltaling op het Grote Vlak, Texel NH. De foto’s waren aanvankelijk vaag en niet 100% overtuigend, maar spannend genoeg om de locatie de volgende dag te gaan checken. In eerste instantie werd alleen een vrouwtje Zomertaling teruggevonden en leek het doek te vallen. Gelukkig werd later ook de juiste vogel teruggevonden, en het bleek inderdaad om een ongeringde Blauwvleugeltaling te gaan, een eerste-winter exemplaar . Tijdens het DB-weekend werd deze vogel enthousiast getwitcht en bekeken; hij bleef tot ver in november. In oktober zwom een Amerikaanse Smient kortstondig op de bekende plasjes bij Harlingen FR, waar hij in december 2018 ook al kortstondig verbleef. Ringsnaveleenden werden weer op verschillende plekken (terug)gevonden; in het voorjaar onder andere de bekende bij Appingedam GR; een nieuwe in de Dintelhaven van Rotterdam ZH; Ezumakeeg FR; Grutte Wielen FR; en Reeuwijkse Plassen ZH; en in het najaar bij Drempt GE, Vlaardingen ZH en Biddinghuizen FL. Voor Kleine Topper levert zoekwerk rondom het IJsselmeer met regelmaat resultaat op, met dit jaar exemplaren in de Dijkgatwielen NH, bij Marken NH en twee bij Zeewolde en Biddinghuizen FL. Een Koningseider overzomerde op zandplaat de Richel bij Vlieland FR en werd alleen op grote afstand gezien vanaf de veerpont of, met goed zoeken, vanaf de oostpunt van Vlieland. Vermoedelijk dezelfde vogel werd eenmalig gemeld van Texel NH. Tot vier (drie adulte en een eerstejaars mannetje) Brilzee-eenden werden van eind april tot halverwege mei gezien in een groep van ruim 5000 Zwarte Zee-eenden op de Noordzee voor de noordkust van Ameland FR. Ongeringde en goed in de veren zittende, voor aanvaarding in aanmerking komende Buffelkopeenden en Kokardezaagbekken werden van meerdere locaties gemeld, naast een reeks zekere escapes. Interessant waarneming was een vliegend mannetje IJslandse Brilduiker , gefotografeerd boven de Loosdrechtse Plassen NH. Helaas konden ongeringdheid en staat van het verenkleed niet worden vastgesteld. Vermeldenswaard is nog het eerste Nederlandse broedgeval van IJseend op de Markerwadden FL, waar een vrouwtje met vier kuikens werd aangetroffen.

Bronskopeend Mareca falcata, Voorst, 27 december 2019 (Alex Bos)

Blauwvleugeltaling Spatula discors, Texel, 5 oktober 2019 (Eric Menkveld)

Kokardezaagbek Lophodytes cucullatus, Bleiswijk, 17 november 2019 (Wietze Janse)

IJseend Clangula hyemalis, Markerwadden, 4 juli 2019 (Debby Doodeman)

Voor zeldzame gierzwaluwen was het een goed jaar met als meest opvallende de nog niet met zekerheid gedetermineerde witstuitige gierzwaluw op Schiermonnikoog FR. Deze werd eerst kortstondig gezien en doorgegeven als mogelijke Huisgierzwaluw, maar later teruggevonden boven de Westerplas, waar Kaffergierzwaluw een betere optie leek toen er een gevorkte staart aan bleek te zitten. Een klein aantal vogelaars kon kort hierop de oversteek maken en betere foto’s maken, hoewel de lichtomstandigheden niet ideaal waren. Op basis van deze foto’s werd hij in de loop van de avond gedetermineerd als afwijkende Gierzwaluw, waardoor maar weinig vogelaars nog dezelfde avond of de volgende ochtend naar het eiland afreisden. Degenen die wel waren gegaan vonden de vogel de volgende morgen terug bij de Westerplas, waar hij nog enkele uren zou rondvliegen voordat hij voorgoed uit beeld verdween. Op basis van de indrukken van waarnemers en meer en vooral betere foto’s, bleek algauw dat de conclusie van een afwijkende Gierzwaluw voorbarig was geweest. Kenmerken gaven aan dat een determinatie als Huisgierzwaluw-hybride of Horusgierzwaluw beter te rechtvaardigen is. Er wordt hard gewerkt om de determinatie als Horus sluitend te krijgen voor indiening bij de CDNA. Terwijl de laatste waarnemers de vogel stonden te bekijken kwam er ook nog kortstondig een Alpengierzwaluw voorbij. Ook deze soort werd dit jaar van verschillende plekken gemeld, met de eerste op 20 april langs c 60 gelukkige waarnemers op de trektelpost van Breskens ZL. Hetzelfde geldt ook voor Vale Gierzwaluw , met in oktober/november meer dan 10 meldingen.

gierzwaluw sp. Apus sp., Schiermonnikoog, 27 september 2019 (Laurens Steijn)

Alpengierzwaluw Tachymarptis melba, De Nolle, Vlissingen, 22 september 2019 (Marcel Klootwijk)

Alpengierzwaluw Tachymarptis melba, Schiermonnikoog, 27 september 2019 (Laurens Steijn)

Vale Gierzwaluw Apus pallidus, Vlieland, 26 oktober 2019 (Arjan de Heer)

Een Kleine Trap werd begin februari ontdekt bij De Zilk ZH. Hij verbleef hier een maand, liet zich leuk bekijken en was daarom populair bij twitchers. In hetzelfde weiland bij Kolhorn NH als waar zich een Kleine Regenwulp bevond (zie verderop), werd op 24 december tot verbazing van de vele tientallen aanwezige vogelaars eveneens een Kleine Trap ontdekt. Beide waren de volgende dag zelfs even in hetzelfde telescoopbeeld te bewonderen. Een Grote Trap met een zender en een kleurring bij Oostvoorne trok op 29-31 december honderden belangstellenden. Hij bleek afkomstig uit Duitsland, in gevangenschap uitgebroed en voor het laatst in november gezien in de omgeving van Berlijn. Een Kuifkoekoek werd op 14 april waargenomen in een niet-vrij toegankelijk deel van de Makkummer Zuidwaard FR. Een andere werd begin augustus gefotografeerd in het Zuidlaardermeergebied GR, maar deze werd ondanks zoekwerk helaas niet meer teruggevonden. Een Oosterse Tortel verbleef in februari in een kleine woonwijk in Limmen NH. Deze bevond zich vaak in de achtertuinen en was dan moeilijk te zien, maar met enig geduld en met medewerking van aardige bewoners was hij meestal terug te vinden en te fotograferen. Een tweede verbleef in een tuin in Emmen DR op 9 en 21 februari; helaas werd het nieuws hierover pas in maart bekend en werd deze niet teruggevonden. Klein Waterhoen en Kleinst Waterhoen werden weer gehoord in de bekende broedgebieden van Groningen en Overijssel (Kleinst in totaal van c 25 locaties in 11 provincies); leuk waren de zingende op onverwachte plekken, zoals in Zuid-Holland en Limburg. Een vangst van Kleinst op 9 mei in de Kennemerduinen NH was vroeg en uitzonderlijk. Eveneens uitzonderlijk was het Klein Waterhoen dat op 9 september als raamslachtoffer werd opgeraapt in Heerhugowaard NH. Er waren zichtwaarnemingen van beide soorten, met meerdere exemplaren, in juni-augustus bij Woensdrecht NB en op Schokland FL. Van 16-21 september werd een  gave en ongeringde Grijskoppurperkoet  ontdekt vlakbij Tersoal FR. De status leverde zoals verwacht discussie op; enerzijds omdat meermaals geringde/ontsnapte vogels in Nederland zijn waargenomen, anderzijds omdat ongeringde exemplaren in Nederland tot op heden nooit werden aanvaard, maar in omringende landen wel.

Kleine Trap Tetrax tetrax, De Zilk, 10 februari 2019 (Mattias Hofstede)

Kleine Trap Tetrax tetrax, Kolhorn, 24 december 2019 (Luuk Punt)

Grote Trap Otis tarda, Oostvoorne, 29 december 2019 (Wietze Janse)

Meenatortel Streptopelia orientalis meena, Limmen, 16 februari 2019 (André van Reenen)

Grijskoppurperkoet Porphyrio poliocephalus, Tersoal, 21 september 2019 (Enno Ebels)

Grielen werden op verscheidene plekken maar telkens kortstondig waargenomen; meer informatie over het voorkomen is te vinden in het gepubliceerde artikel hier. In een ander daglicht stond de ontdekking van de eerste Grijskopkievit bij Workummermeer FR op 27 juni, een vogel die door velen getwitcht werd, geïnspireerd door eerste WP-waarnemingen in Turkije (2018) en Noorwegen/Zweden (2019, reeds aanvaard). Deze soort heeft een beperkt broedgebied in het noordoosten van China en Japan en is ver ten zuiden van het reguliere overwinteringsgebied in Zuidoost-Azie als dwaalgast vastgesteld, zoals zesmaal in Australië in 2006-17. De vogel verbleef eerst langs een doorgaande autoweg en later langs een smal betonnen pad, het was dus even organiseren met parkeren, maar een ieder die dezelfde of volgende dag nog in de gelegenheid was, kon makkelijk aanschuiven. In de avond van 28 juni vloog hij hoog weg en werd daarna niet meer teruggevonden. Een ander intrigerend hoogtepunt van het jaar was de Indische Kievit (van de westelijke ondersoort aigneri) die op 19 juni gevonden werd op de noordpunt van Texel NH. Alleen de snelle reageerders die in de mogelijkheid van een wild exemplaar geloofden konden nog aansluiten, want rond drie uur in de middag verdween hij uit beeld. Op 23 juni werd hij teruggevonden op Ameland FR, maar ook hier was zijn verblijf van korte duur. Op 28 juni werd op Ameland FR een Sporenkievit gemeld, wat zeer wel betrekking kan hebben gehad op de Indische Kievit, maar helaas leverde navraag bij de waarnemer geen reactie op. Aanvankelijke scepsis bij velen over de herkomst verstomde, toen uit kleedanalyses bleek dat hetzelfde exemplaar eerder op 11 juni in Doel, België, op 31 mei in Beieren, Duitsland, en op 14 mei op Pag, Kroatië, gefotografeerd was en bekend werd dat de populatie zich langzaam uitbreidt. De gelukkige waarnemers moeten de uitkomst van de CDNA-beoordeling alleen nog wel afwachten (een zinsnede die in dit jaarverslag vaker van toepassing is). Aziatische Goudplevier en Amerikaanse Goudplevier zijn inmiddels jaarlijkse gasten geworden, met van de eerste soort vier waarnemingen; in het Greppelveld, Biddinghuizen FL, Polder Breebaart GR, op Vlieland FR en een roepende over Texel NH. De laatstgenoemde soort had vier waarnemingen; in Polder Breebaart GR, de Lopikerwaard UT, Eemspolder GR en te Ouddorp ZH. Morinelplevieren lieten in het voor- en najaar hun bekende trekpatroon zien met onder meer mooie groepen op de akkers van Texel NH. Vermeldenswaard zijn bovendien de zeer tamme exemplaren op het Kootwijkerzand GE en in de duinen bij Noordwijk ZH, die zich fraai lieten fotograferen en met regelmaat op minder dan een meter langs de fotografen liepen. Een vrouwtje Woestijnplevier werd in mei ontdekt op het Slufterstrand op de Maasvlakte ZH en verplaatste zich daarna naar de Kwade Hoek ZH, waar hij vanaf het uitkijkpunt bij Havenhoofd ZH met het juiste getij enkele dagen werd waargenomen. Vermeldenswaard is het broedgeval van Bonte Strandloper op de Markerwadden FL, waar een nest met vier eieren werd aangetroffen. Het zoeken naar onder andere Breedbekstrandlopers bij hoogtij op hoogwatervluchtplaatsen langs de Friese/Groningse waddenkust leverde niet alleen deze soort op want, op 15 augustus, verschenen er foto’s van de eerste Alaskastrandloper bij Westhoek FR. Afgesproken werd dat alle waarnemers de volgende dag op de dijk zouden blijven, zodat de vogels met opkomend tij ongestoord dichterbij konden staan. Op vrijdagochtend 16 augustus stond er ruim 100 man en werd de vogel met opkomend tij al om half negen teruggevonden. De waarnemingskansen waren echter beperkt; alleen in de periode van c een half uur voor en na hoogtij was hij goed te zien. Daarvoor en daarna zat hij vaak te ver op het wad om hem terug te kunnen vinden. Zodra de groepen steltlopers het vasteland in vlogen, bleek het ook nagenoeg onmogelijk hem daar in de dichte rustende zwermen terug te vinden. Het werd dus een kwestie van plannen om op de juiste tijd present te zijn. Gelukkig kwam het op zaterdagochtend 17 augustus voor bijna iedereen goed en werd de vogel na wat stevige miezerbuien, die het zicht bemoeilijkten, rond half 11 bij hoogtij en droog weer teruggevonden. De vogel werd nog tot 19 augustus gezien, steeds kortstondig met hoogtij, maar op 20 augustus werd tevergeefs gezocht. Een Bairds Strandloper werd op 18 september opgemerkt bij polder IJdoorn NH. Een Bonapartes Strandloper was op 21 juli aanwezig in het Lauwersmeer GR en een voorbijtrekkende liet zich kort zien op 6 september langs Westkapelle ZL. Een adulte Steltstrandloper trok van 14-20 augustus veel bekijks in de Waverhoek UT. Opmerkelijk was dat uit kleedanalyse bleek dat deze vogel eerst al op 11 augustus op Rathlin Island, Antrim, Noord-Ierland, gefotografeerd was. De eerste Blonde Ruiter werd gemeld op 17 augustus in de Sophiapolder ZL; later in september volgden er zeker twee in de kop van Noord-Holland. In voor- en najaar waren er weer enkele Gestreepte Strandlopers. Van Poelsnip waren er wel enkele meldingen maar geen twitchbare. Dat het jaar qua megasoorten nog lang niet voorbij was bleek op 23 december, toen de eerste Kleine Regenwulp (en pas de 9e voor de WP) werd gevonden bij Barsingerhorn, Hollands Kroon NH. Na een hectische twitch op de eerste middag -de vogel werd slechts enkele uren voor zonsondergang teruggevonden- leek de regenachtige tweede dag uit te draaien op een mislukking. Echter, tot blijdschap van velen kwam hij aan het einde van de dag toch weer in beeld. De vogel had een actieradius van kilometers maar werd door zoekwerk van velen hierna tot en met de 31e dagelijks teruggevonden. Uiteindelijk slaagden vrijwel alle bezoekende vogelaars erin om hem te zien. Terekruiters werden voornamelijk gemeld van de bekendste plek voor deze soort: de Breebaartpolder GR. Nog een exemplaar werd gezien op Rottumeroog GR en leuk waren twee waarnemingen waarbij de vogel op geluid werd gevonden, in de Prunjepolder ZL en op de zandplaat de Richel, Vlieland FR. Kleine Geelpootruiters waren met drie waarnemingen dit jaar zeldzamer dan in afgelopen jaren; een kortstondige in de Prunjepolder ZL, bij Den Helder NH en bij Stiens FR. Op basis van kleedkenmerken hebben laatstgenoemde vrijwel zeker betrekking op dezelfde vogel. Een overvliegende Grote Grijze Snip werd op 4 augustus gemeld bij Katwijk aan Zee ZH.

Griel Burhinus oedicnemus, Den Haag, 21 april 2019 (Garry Bakker)

Grijskopkievit Vanellus cinereus (compositie van vier foto's), Workum, 27 juni 2019 (Jaap Denee)

Twitch Grijskopkievit Vanellus cinereus, Workumermeer, 27 juni 2019 (Co van der Wardt)

Indische Kievit Vanellus indicus aigneri, Texel, 19 juni 2019 (Arnoud B van den Berg)

Amerikaanse Goudplevier Pluvialis dominica, Willeskop, 11 augustus 2019 (Robert van der Meer)

Morinelplevier Charadrius morinellus, Noordwijk, 19 mei 2019 (Wietze Janse)

Alaskastrandloper Calidris mauri, Westhoek, 15 augustus 2019 (Wim van Zwieten)

Twitch Alaskastrandloper Calidris mauri, Westhoek, 16 augustus 2019 (Herman van den Brand)

Twitch Alaskastrandloper Calidris mauri, Westhoek, 16 augustus 2019 (Paul Gnodde)

Steltstrandloper  Calidris himantopus , Waverhoek, 20 augustus 2019 (René van Rossum)

Kleine Regenwulp Numenius minutus, Kolhorn, 25 december 2019 (Eric Menkveld)

Kleine Regenwulp Numenius minutus, Schagen, 26 december 2019 (Jaap Denee)

Kleine Regenwulp Numenius minutus, Kolhorn, 26 december 2019 (Alex Bos)

Een eerste-winter Lachmeeuw vloog langs Castricum aan Zee op 13 september. Een leuke waarneming betrof een vliegende Audouins Meeuw die op 18 april in het binnenland werd gezien bij Den Bosch NB, een soort die op het verlanglijstje staat van veel waarnemers. Enkele Baltische Mantelmeeuwen  met ring werden gemeld, onder meer op 19, 28 en 29 september, respectievelijk te Katwijk ZH, IJmuiden NH en Den Haag ZH. Op 20 mei werd er weer eens een geringde Dougalls Stern waargenomen bij Camperduin NH en op 8 juli was er een exemplaar in ’t Vroon, Westkapelle ZL. Laatstgenoemde vloog met regelmaat de zee op maar keerde met dezelfde regelmaat tot halverwege de avond ook weer terug. Lachsterns lieten mooi hun inmiddels bekende (deels nieuwe) doortrekpatroon zien. Vanaf 7 juli arriveerden de eerste op de zandgaten ten zuiden van Oude Pekela GR. Hier groeide het aantal tot maximaal 27 op 22 juli. Op 17 augustus werd het laatste exemplaar in deze provincie gemeld. Op de andere traditionele pleisterplek, in de kop van Noord-Holland, verscheen de eerste op 25 juli. Op de slaapplaats op het Balgzand was het maximum 23, op 16 augustus. Overdag werden als altijd kleine groepjes op geïnundeerde bollenvelden of jagend boven poldersloten gemeld. Buiten de geijkte locaties verbleef van 3-5 augustus een gekleurringde bij Spijkenisse ZH en werden er twee gemeld bij Zoutelande ZL op 25 augustus. Maar liefst 72 Reuzensterns vlogen in het najaar langs trektelposten, waarvan 17 langs de Kamperhoek FL. Pleisteraars werden vooral in het noordoosten gezien, met 39 bij de Bantpolder FR, 50 in de Workummerwaard FR en 28 op het Vossemeer OV. In hun broedgebied rond het Zuidlaardermeer GR werden maximaal 50 Witwangsterns bij elkaar waargenomen. Ook een laat exemplaar bij Stellendam ZH in november-december is vermeldenswaard. Witvleugelsterns werden in het voorjaar her en der opgemerkt. In het najaar werden juveniele en naar winterkleed ruiende exemplaren gezien op de bekende plekken aan de kust, onder meer in Den Oever NH, en er verbleef een veel getwitchte juveniel bij Zevenhuizen ZH.

Audouins Meeuw Larus audouinii, 's-Hertogenbosch, 18 april 2019 (Rens Keijsers)

Dougalls Stern Sterna dougallii, Westkapelle, 8 juli 2019 (Corstiaan Beeke)

Witvleugelstern Chlidonias leucopterus, Zevenhuizen (ZH), 11 augustus 2019 (Garry Bakker)

Naast Vale Stormvogeltjes werden ook diverse Stormvogeltjes opgemerkt, met van eind september zeker zeven. Een Grote Pijlstormvogel werd op 2 maart dood gevonden bij Ternaard FR en werd achteraf op foto’s herkend. Vermeldenswaard is de waarneming van een Papegaaiduiker , die op 29 maart ontdekt werd op een vaart midden door Dordrecht ZH. Voor menig vogelaar (zeker degenen die niet met enige regelmaat aan zee staan trek te tellen) een nieuwe soort, waaronder enkele 'toptwitchers'. De conditie van de vogel liet helaas te wensen over en de volgende dag werd hij naar een vogelasiel gebracht, waar hij op 2 april overleed. Beter ging het met een exemplaar dat op 13 oktober werd waargenomen bij de Brouwersdam en later bleek te zijn losgelaten door medewerkers van het Haagse vogelasiel De Wulp. Zwarte Zeekoeten vertoonden weer hun klassieke patroon met de eerste doortrekkers vroeg in het najaar en pleisteraars op bekende plekken als onder andere IJmuiden NH, de Brouwersdam ZH en Terschelling FR.

Papegaaiduiker Fratercula arctica, Dordrecht, 29 maart 2019 (Wietze Janse)

Twitch Papegaaiduiker Fratercula arctica, Dordrecht, 29 maart 2019 (Wietze Janse)

Nadat er in België al vele maanden lang Dwergaalscholvers werden gemeld, was het afwachten wanneer er weer een in Nederland zou opduiken. Uiteindelijk gebeurde dat in juni, bij Keent NB. Later werd bekend dat dezelfde vogel al eerder was gefotografeerd bij Hurwenen GE. Zwarte Ibis blijft erg schaars en, na enkele jaren met rondzwervende kleine groepjes, waren er nu veel minder waarnemingen. Het zwaartepunt van de waarnemingen lag in het noorden van het land, met op 26 juni een overtrekkende groep van negen over de Onlanden DR als hoogtepunt. Ook dit jaar waren er meerdere Ralreigers , alle in de maanden juni en juli. Koereigers werden op veel plekken waargenomen; deze kosmopoliet lijkt zich rustig in te burgeren, met hier en daar groepjes van vijf of meer en regelmatig langs trektelposten vliegend. Een ongeringde Roze Pelikaan deed eerst verschillende provincies aan om dan in december lange tijd blijven in het grensgebied van Drenthe en Overijssel.

Dwergaalscholver Microcarbo pygmaeus, Keent, 6 juni 2019 (Toy Janssen)

Ralreiger Ardeola ralloides, Almere, 17 juni 2019 (Wietze Janse)

Roze Pelikaan Pelecanus onocrotalus, Reestdal, De Havixhorst, 2 december 2019 (Koen de Groot)

Grijze Wouw is inmiddels een jaarlijkse gast geworden met zeker 10 waarnemingen, waarvan een enkele ook twitchbaar. Ook Steppekiekendief trekt nu jaarlijks standaard in kleine aantallen door en overwintert soms, met dit voorjaar waarnemingen langs meer dan 57 telposten. De soort was voor het eerst in maart-april zelfs talrijker dan Grauwe Kiekendief! Op 3 april vloog het op 28 juli 2018 in Finland gezenderde vrouwtje ‘Seja’, dat in Marokko had overwinterd, Nederland binnen (nadat ze ook al in het najaar 2018 hier was geweest) om van 5-19 april in de akkers van Zuidelijk Flevoland te blijven. Op 22 april verliet ze via Groningen ons land. Een andere leuke waarneming betrof een gekleurringd vrouwtje (wit CC9) dat in 2017 als nestjong in Finland was geringd als dochter van een ander zendervrouwtje (‘Letto’), dat in 2017 tijdens de trek in Polen stierf. Ook vermeldenswaard is dat er wederom een succesvolle broedpoging was van een zuiver paar, met maar liefst zes jongen (vijf mannetjes en een vrouwtje). Bovendien werd bekend dat een van de jongen van 2017 (een vrouwtje) in 2019 (met een mannetje Steppekiekendief) in Noord-Spanje broedde. Ook Vale Gieren mogen we tegenwoordig jaarlijks verwachten, hoewel het nu bij enkele exemplaren bleef, met slechts eenmaal een melding van een groep. Leuk waren drie Monniksgieren in de Lage Landen, waaronder ook een geringde die eerst in België zat, waarvan de geschiedenis hier is na te lezen. Deze vogel werd kortstondig boven de Sint Pietersberg LB gezien. Een tweede gekleurringd exemplaar (wit FUH) van een reïntroductiepopulatie in Zuid-Frankrijk stak vanuit België de grens over bij Maastricht LB, maar wist aan de aandacht van alle Nederlandse vogelaars te ontsnappen. Een derde en ongeringde Monniksgier werd gevonden bij Peize GR; deze verdween later in de ochtend over Groningen/Hoogkerk GR westwaarts. Later in de avond kwam het nieuws dat hij over Hellendoorn OV vloog en werd de kans groot geacht dat hij daar de volgende ochtend terug zou worden gevonden. Dat gebeurde ook; de vogel rustte lang bovenop een boom, vanaf de weg gadegeslagen door vele twitchers, om uiteindelijk na 11:00 uur het luchtruim te kiezen en hoog in zuidelijke richting uit beeld te verdwijnen. Daarna werd hij nog tot Haarle OV gevolgd en later op de dag boven Apeldoorn GE en daarna vermoedelijk zelfs in België gezien. Ook werden er meerdere Schreeuw-/Bastaardarenden gemeld, onder andere op 19 april op de Maashorst NB, 20 april in Den Oever NH, 13 mei in Dalfsen OV, 1 juni op Ameland, 7 juni bij Piaam FR, 13 juni op Vlieland FR en 3 november te Klarenbeek GE. De eerstgenoemde werd ingediend als Schreeuwarend. Een zeer gehavende donkere vorm Dwergarend zwierf enige tijd rond in Zeeland, met waarnemingen bij Yerseke, Waarde en Luntershoek ZL. Later verbleef een lichte vorm enige tijd in het rivierengebied en deze werd opgemerkt bij Driel GE, Houten UT, Beesd en Rhenoy GE. Een vliegende tweede-kalenderjaar Steenarend werd gefotografeerd bij Olde Maten OV op 24 mei, helaas maar voor één waarnemer weggelegd.

Grijze Wouw Elanus caeruleus, Terhole, 11 mei 2019 (Corstiaan Beeke)

Grijze Wouw Elanus caeruleus, Keent, 4 november 2019 (Ludo van Dorst)

Monniksgier Aegypius monachus, Hellendoorn, 25 mei 2019 (Jorrit Vlot)

Monniksgier Aegypius monachus, Hellendoorn, 25 mei 2019 (Julian Bosch)

Er kwamen dit jaar drie meldingen binnen van zingende Dwergooruilen maar mogelijke verwarring met een roepende Vroedmeesterpad gaf zoals vaak problemen. Eén waarneming is niet ingediend, een ander niet aanvaard omdat Vroedmeesterpad niet was uit te sluiten, en de derde loopt nog. Een Dwerguil werd op 31 augustus dood gevonden op een balkon in Lelystad FL. Met recent weer een toename van territoriumhoudende exemplaren in België, zou ook in de oosthelft van Nederland weer eens fanatieker geschikte bospercelen moeten worden afgezocht. Mooi was een juveniele Sakervalk die op 18 en 19 juli, al dan niet toevallig tijdens hoogwater, langs Bierdijk NH vloog. In de middag van vrijdag 19 juli werd het nieuws bekend en zowel laat op vrijdag als op zaterdagochtend 20 juli werd door (slechts) een man of 10 langs de waddendijk gezocht. Toen het uiteindelijk aan het eind van zaterdagochtend droog werd, kwam de vogel weer vanuit het oosten aanvliegen. Hij werd een paar maal kort tussen Stroe en Den Oever NH gezien om rond een uur of twee voorgoed in westelijke richting te verdwijnen. Daarna werd nog de hele middag en de volgende dag langdurig gezocht; het was vast nog nooit zo druk en gezellig op de bewuste dijk geweest... Op 22 juli was er nog een serieuze melding van de noordpunt van Texel NH, waarna het wat claims betreft stil werd. Op 2 augustus werd in de kop van Noord-Holland een serieuze zoekactie op touw gezet, met als tactiek ’s avonds bij hoge hoogspanningsmasten te posten, in de hoop dat de vogel (net zoals de soort vaak in Duitsland doet) daar zou komen slapen. Hoewel er meerdere Slechtvalken in de masten werden gevonden, kwam de Saker niet in beeld.  Roodpootvalk was in het najaar leuk vertegenwoordigd, waarbij die ten noorden van het Sneekermeer FR veel bekijks trokken. Op het hoogtepunt waren er drie waarvan een exemplaar in elk geval nog tot 27 september bleef. Friesland was dankzij het hoge aantal veldmuizen sowieso wel goed voor deze soort, met nog zes op verschillende plekken. In de andere provincies werden er in totaal 11 gezien.

Sakervalk Falco cherrug, Stroe, Wieringen, 20 juli 2019 (Maurits Martens)

Sakervalk Falco cherrug, Stroe, Wieringen, 20 juli 2019 (Arnoud B van den Berg)

Twitch Sakervalk Falco cherrug, Bierdijk, 21 juli 2019 (Wietze Janse)

Twitch Sakervalk Falco cherrug, Bierdijk, 21 juli 2019 (Wietze Janse)

Roodpootvalk Falco vespertinus, Sneekermeer, 22 september 2019 (Wietze Janse)

Bijeneter heeft zich gevestigd als broedvogel, met enkele kleine kolonies in het zuiden van het land. Daarnaast waren er van overal waarnemingen van trekkers in voor- en najaar. Hoppen werden eveneens van meerdere plaatsen gemeld in voor- en najaar. Niet alleen in België maar ook in ons land werden twee Bruine Klauwieren gevonden. Eerst verstopte zich een exemplaar begin oktober op Vlieland FR op het kazerneterrein en het duurde even voordat er voldoende zekerheid was over de determinatie. Later was een fraaie adult slechts een middag te zien bij Keent NB. Een Turkestaanse Klauwier verbleef langdurig in augustus en tot 2 september in de Bantpolder FR en liet zich fraai bekijken. Op 18 juni werd een Kleine Klapekster gevonden bij Pieterzijl/Grijpskerk GR; een tweede bleef enkele dagen vanaf 31 augustus bij Meliskerke ZL. Roodkopklauwieren werden met enige regelmaat verspreid over het gehele land, in zeker zeven provincies, gemeld. Leuk was de Balearische Roodkopklauwier L s badius op 14 juni langs de Praamweg FL, die ’s avonds nog door veel vogelaars werd bezocht en, indien aanvaard, pas het tweede geval betreft.

Bruine Klauwier Lanius cristatus, Vlieland, 3 oktober 2019 (Niels Gilissen)

Bruine Klauwier Lanius cristatus, Keent, 12 oktober 2019 (David Spelt)

Turkestaanse Klauwier Lanius phoenicuroides, Bantpolder, Lauwersmeer, 1 september 2019 (Thijs Glastra)

Kleine Klapekster Lanius minor, Meliskerke, 1 september 2019 (Tobi Koppejan)

Balearische Roodkopklauwier Lanius senator badius, Oostvaardersplassen, Lelystad, 14 juni 2019 (Maurits Martens)

De bekende tamme Notenkraker van najaar 2018 verbleef nog tot en met de ochtend van 1 juli in zijn vaste woonwijk in Wageningen GE; in de middag en hierna werd hij niet meer teruggevonden. Er was nog wel een waarneming in een tuin in Beerze OV op 18 september. Een vogel met een heel eigen verhaal is een Schildraaf die op 22 mei opdook bij Den Oever NH. Al snel werd op basis van kleedkenmerken duidelijk dat het dezelfde betrof die sinds 13 juni 2018 over 2000 km door heel Engeland en Wales had gezworven en een of twee dagen eerder nog langs Het Kanaal in East Kent, Engeland, was gezien waar hij een karakteristieke vleugelbeschadiging opliep. Hij kon niet meer bij Den Oever worden teruggevonden maar bleek op 25 mei in Leens GR te zitten, waar de eerste vogelaars aanschoven. Na 30 mei verdween de vogel de Waddenzee over naar Schiermonnikoog FR om daarna een aantal Waddeneilanden af te werken, om vervolgens weer terug te vliegen naar het vasteland. Eerst zat hij enige tijd bij Burdaard FR en later in Leeuwarden FR, waar hij nog steeds verblijft. In de tussentijd werd er meer bekend over waarnemingen en bewegingen van de soort in het buitenland, met dwaalgasten en broedgeval in Marokko, mogelijke ship-assisted vogels op eilanden in de Atlantische Oceaan, en waarnemingen in Spanje en Italië, dus waarom zou de vogel niet van verder kunnen komen? Het onderzoek loopt en de CDNA heeft weer een taak om hierin een beslissing te nemen. Saillant zijn de waarnemingen van een overvliegende Huiskraai op telpost de Vulkaan bij Den Haag ZH op 5 en 10 april; zijn er exemplaren uit Hoek van Holland ZH buiten ‘schot’ gebleven of is er sprake van nieuwe aanvoer? Van Pestvogel waren er dit najaar geen grote invasies; toch konden in beide winters (begin/eind van het jaar) genoten worden van kleine groepjes her en der verspreid over het land. Op 8 maart werd duidelijk dat een ongeringde en puntgave Azuurmees met wat gele tekening op de bovenborst zich waarschijnlijk al vanaf 20 december 2018 ophield in Bergen NH. De vogel ontlokte een levendige discussie, met als uitkomst dat het waarschijnlijk een van de Centraal-Aziatische ondersoorten betrof en geen ‘Pleskes Mees’. De winter werd ook gekenmerkt door leuke groepjes Witkopstaartmezen die door het gehele land werden opgemerkt.

Notenkraker Nucifraga caryocatactes, Wageningen, 24 december 2018 (Wietze Janse)

Schildraaf Corvus albus, Burdaard, 27 juni 2019 (Garry Bakker)

Schildraaf Corvus albus, Burdaard, 27 juni 2019 (Wietze Janse)

Azuurmees Cyanistes cyanus, Egmond, 9 maart 2019 (Wietze Janse)

Na twee meldingen van Kuifleeuwerik , een via een foto op Facebook op 19 mei bij Wedderbergen GR en een andere roepend overvliegend op 25 september in IJmuiden NH, kwam het voor jong twitchend Nederland toch nog goed, met een vogel die vanaf 4 november langdurig aanwezig was nabij NS Station Apeldoorn GE. De vogel werd bekend door een upload in waarneming.nl, waarna men massaal naar Apeldoorn trok. Ofwel om een nieuwe soort in Nederland te zien, ofwel om nog eens nostalgisch weg te dromen over vroegere tijden, toen elke nieuwbouwwijk enkele paartjes herbergde en men bij het fietsen naar het werk door deze vogels werd toegezongen. Overvliegende Kortteenleeuweriken werden gemeld over de telpost Kustweg Lauwersmeer GR, Uithuizen GR, De Koog Texel NH en Eemshaven NH. Een andere blokker was eind april een Kalanderleeuwerik, een soort die tot dan toe slechts door enkelen op Texel/Vlieland was gezien. De nu en dan zingende vogel werd vroeg in de ochtend ontdekt, foto’s werden doorgestuurd en de determinatie was snel rond, waarbij het vermeldenswaard is dat dit -voor zover bekend- de eerste dwaalgast is die werd gedetermineerd met behulp van een herkenningsapp. Hij bleef twee dagen en was goed twitchbaar. Roodstuitzwaluwen vlogen in het voorjaar weer langs diverse trektelposten, waarbij Breskens ZL zoals vaak de kroon spande.

Kuifleeuwerik Galerida cristata, Apeldoorn, 5 november 2019 (Bram Roobol)

Kalanderleeuwerik Melanocorypha calandra, Ouddorp, 25 april 2019 (Jaap Denee)

Twitch Kalanderleeuwerik Melanocorypha calandra, Ouddorp, 25 april 2019 (Arnoud B van den Berg)

Een Bergfluiter zong op 23 mei in Utrecht UT, en leuk was een vangst op 22 augustus bij Castricum NH. Als gewoonlijk was er een klein aantal Humes Bladkoningen in de winter en vanaf eind oktober werden de eerste weer gemeld. Een Bladkoning zat van 25 januari tot in april in een parkje in Den Haag ZH; wintergevallen blijven zeldzaam. Verder waren er drie voorjaarsgevallen in april in Amsterdam NH en IJmuiden NH en op 1 mei een gefotografeerde in Purmerend NH. De najaarstrek langs de kust was iets minder dan in voorgaande jaren maar nog steeds met hoge aantallen; ook werden er veel in het binnenland gemeld. Bijzonder was een zingende Pallas’ Boszanger in april in een klein parkje midden in de stad Haarlem NH. In het najaar werd er maar een handvol opgemerkt. Raddes Boszanger blijft een zeldzame doortrekker in het najaar, met dit jaar waarnemingen op Schiermonnikoog FR, Vlieland FR en Texel NH, en uitzonderlijke binnenlandgevallen in de vorm van een veldwaarneming bij Veenendaal UT en een vangst bij Hasselt OV. Een Bruine Boszanger overwinterde ten minste in januari in Amsterdam NH en liet zich hier leuk bekijken; vanaf eind oktober volgde een klein 10-tal waarnemingen en/of ringvangsten. Iberische Tjiftjaf is inmiddels ook een jaarlijkse voorjaarsgast met verspreid over het land enkele (langdurig) zingende vogels. Dit voorjaar was uitzonderlijk goed met zeker 11 zingende; tot nu toe was zes het maximum. Via Facebook kwam een geluidsopname van de ochtend van 24 juni binnen uit de wijk Holy te Vlaardingen ZH, waarbij de eerste gedachte uitging naar een zingende Grauwe Fitis. Een klein aantal plaatselijke vogelaars had de vogel bezocht en nog meer opnames gemaakt. Dankzij de oplettendheid van een ervaren geluidenman bleek het op basis van de opnames te gaan om de eerste Groene Fitis. Helaas kon de vogel 's middags door c 50 man al niet meer worden teruggevonden. Echte zingende Grauwe Fitissen werden in het voorjaar enkele malen opgemerkt, onder andere op Ameland FR, Schiermonnikoog FR, Vlieland FR, Texel NH, in Den Haag ZH, Alpen a/d Rijn ZH en Zwolle OV. Waterrietzangers werden in augustus-september weer van meerdere (en de bekende) plekken gemeld; het blijft een populaire soort om te vinden en te zien. Een Veldrietzanger werd op 10 september gevangen op de ringbaan in NP Zuid-Kennemerland NH; de vogel liet zich daarna ook nog in het veld bekijken door de aanwezige ringers. In het voorjaar waren er enkele (zingende) Struikrietzangers . Verder was er in het najaar één op de Maasvlakte ZH, waren er twee vangsten op de ringbaan in NP Zuid-Kennemerland NH en ook twee in Castricum NH, werd de soort gemeld in Gouda ZH en Oegstgeest ZH en werd een long stayer ontdekt op 9 november op Texel NH, die tot in december bleef; maandlijsters hadden weer een leuk excuus om naar het eiland te komen. Er was dit jaar maar één Kleine Spotvogel , een vangst op 20 september op de ringbaan van Vlieland FR. Een heel verhaal is dat van de eerste Grote Vale Spotvogel in Wijde Wormer NH. Op zaterdagmiddag verschenen er foto’s door de bewoonster van een boerderij op 12 oktober gemaakt in haar achtertuin. Het ging duidelijk om een spannende ‘spotvogel’ maar toen begon een discussie over de determinatie... Plaatselijke vogelaars legden contact met de waarneemster en mochten nog dezelfde middag haar tuin in om te zoeken, vergeefs. De discussie verplaatste zich als snel van mogelijke Orpheusspotvogel naar Oostelijke Vale Spotvogel of aberrante Spotvogel. De volgende ochtend werd de vogel snel teruggevonden en leek Oostelijke Vale aanvankelijk de beste papieren te hebben vanwege de opvallende staartbewegingen. In de loop van de dag werd ook Grote Vale Spotvogel als optie genoemd en die leek eigenlijk nog beter te passen qua staartbewegingen en verenkleed. Maar Grote Vale leek wat al te extreem want die soort was nog maar eenmaal buiten Turkije op het vasteland in Europa vastgesteld en dat was in Bulgarije. Rond 15:00 uur verdween de vogel langdurig uit beeld om pas om 18:30 uur weer te worden teruggevonden, tot grote opluchting van een grote groep volhouders (waaronder vogelaars die in de ochtend naar een Mirtezanger op Schiermonnikoog waren gegaan; zie onder). Gelukkig voor degenen die er niet slaagden hem die dag te zien, bleef hij tot en met maandag. Er werden speciale fotosessies (in goed overleg met de bewoners) ingelast, een geluidsopname gemaakt en ook willekeurig vogelpoep verzameld op de plaats waar de vogel het meest zat, teneinde de toch wat verrassende determinatie meer gewicht te geven. Met behulp van de roep en fraaie foto’s werd de determinatie als Grote Vale Spotvogel uitgewerkt, zie hier; later kwam daar de DNA-bevestiging overheen dankzij twee poepmonsters! Orpheusspotvogel is tegenwoordig broedvogel in klein aantal, voornamelijk in de zuidelijke drie provincies; echter, dit voorjaar zongen er niet alleen in de omgeving van Oostvoorne ZH twee maar ook elders in het land, zoals bij Spaarnwoude NH. Een vermoedelijke Oostelijke Vale Spotvogel werd op 20 november waargenomen bij de Eemshaven GR maar werd uit privacyoverweging pas later bekend gemaakt; geluidsopnamen zijn hier te beluisteren. Volgens kenners betreft het zeker een vale spotvogel Iduna pallida/opaca. Er waren weer enkele zingende Krekelzangers , maar een echt officieel broedgeval is nog nooit gedocumenteerd. Graszanger was zoals altijd te horen in zijn bolwerk het Verdronken Land van Saeftinghe ZL; slecht enkele werden elders waargenomen, waaronder een broedpaar bij Westkapelle ZL. Sperwergrasmussen waren dit jaar schaars in het vroege najaar; vermeldenswaard is een late vangst op 10 november bij Castricum NH. Enkele Siberische Braamsluipers werden in het (late) najaar gemeld waaronder een exemplaar op 24 oktober in NP Zuid-Kennemerland dat op 22 oktober op Helgoland, Duitsland, was geringd en gedetermineerd. Een Provençaalse Grasmus was in de tweede en derde week van oktober aanwezig op de buitencontour van de Tweede Maasvlakte ZH; zoals altijd was er flink wat geduld en zoekwerk nodig om hem te in beeld te krijgen. Op 26 april was een zingend mannetje Balkanbaardgrasmus te horen op Schiermonnikoog FR.

Humes Bladkoning Phylloscopus humei, Sint-Oedenrode, 1 januari 2019 (Julian Bosch)

Bladkoning Phylloscopus inornatus, Den Haag, 6 januari 2019 (Wietze Janse)

Bruine Boszanger Phylloscopus fuscatus, Katwijk aan Zee, 8 oktober 2019 (Arnold Meijer)

Groene Fitis Phylloscopus nitidus, Vlaardingen, 24 juni 2019 (Roy Slaterus)

Struikrietzanger Acrocephalus dumetorum, Maasvlakte, Rotterdam, 5 oktober 2019 (Jorrit Vlot)

Struikrietzanger Acrocephalus dumetorum, Texel, 19 november 2019 (Leo JR Boon)

Grote Vale Spotvogel Hippolais languida, Wijdewormer, 14 oktober 2019 (Jaap Denee)

Grote Vale Spotvogel Hippolais languida, Wijdewormer, 14 oktober 2019 (Jaap Denee)

Grote Vale Spotvogel Hippolais languida, Wijdewormer, 14 oktober 2019 (Vincent van der Spek)

Grote Vale Spotvogel  Hippolais languida, Wijdewormer, 14 oktober 2019 (Jaap Denee)

Locatie Grote Vale Spotvogel Hippolais languida, Wijdewormer, 14 oktober 2019 (Leo Heemskerk)

Twitch Grote Vale Spotvogel Hippolais languida, Wijdewormer, 14 oktober 2019 (Leo Heemskerk)

Twitch Grote Vale Spotvogel Hippolais languida, Wijdewormer, 14 oktober 2019 (Leo Heemskerk)

Orpheusspotvogel Hippolais polyglotta, Oost-Maarland, 22 mei 2019 (Wietze Janse)

Provençaalse Grasmus Sylvia undata, Maasvlakte, 17 oktober 2019 (Wietze Janse)

In het voorjaar waren er slechts twee waarnemingen, op 2 mei bij Oostburg ZL en op 29 juni bij Birdaard FR, van adulte Roze Spreeuw. Het najaar leverde eveneens maar enkele juveniele op, met een overwinteraar in Groningen GR en aan het begin van het jaar een exemplaar in Delfzijl GR. In februari werd weer een adulte Zwartkeellijster in Drenthe gevonden, in achtertuinen in Coevorden DR. Fraai was een vondst van een Bruine Lijster op het derde weekend van Deception Tours op Vlieland FR. Deze werd al vlak na aankomst van de eerste boot op vrijdagochtend 25 oktober ontdekt, waarna meer dan 100 DT-gangers direct in de ochtend nog konden aanschuiven. Vanaf het vasteland werden watertaxi’s geregeld, van Texel kwam er een boot, en de vogel werd gedurende die tijd continu in de gaten gehouden zodat bezoekers hem dezelfde middag nog konden zien. Omdat het een klassieke getekend exemplaar was en niet iedereen de vogel van Groningen 2016 had gezien, werd het ook op zaterdag druk. Eerst leek dit op een deceptie uit te lopen -de vogel werd in de ochtend niet teruggevonden- maar om 12:00 (toen sommigen de eerste boot terug alweer hadden gepakt) werd hij toch weer gezien en kregen velen een mooie herkansing. Op zondag kwam er nog een boot vol vogelaars aan en ook nu kreeg iedereen, zij het soms met enig geduld, de vogel in beeld. Die dag was er in de middag als bonus een op de westpunt van Vlieland ontdekte zeer tamme Blauwstaart te zien. Van laatstgenoemde soort waren er nog drie waarnemingen: een ringvangst op Schiermonnikoog FR op 3 oktober, een zeer lastig exemplaar in Den Haag ZH van 5-7 oktober en een exemplaar bij Vrouwenpolder ZL dat via een Facebook-upload aan het licht kwam (maar nadien niet meer kon worden teruggevonden). In mei werden c vijf Roodsterblauwborsten L s svecica ontdekt, waaronder een veelbezocht mannetje bij Eemnes UT. Er werden twee zingende Noordse Nachtegalen gemeld, op Schiermonnikoog FR en Texel NH. Voorts was er een ringvangst bij Castricum NH op 21 september. Een vrouwtje Withalsvliegenvanger werd gefotografeerd op 20 mei bij Julianadorp NH. Achteraf werd bekend dat een zingend mannetje 10 dagen lang verbleef in een achtertuin in Leersum UT. Zingende Kleine Vliegenvangers waren in het voorjaar op verschillende plekken present, waaronder een (het?) exemplaar in NP Hoge Veluwe, op nagenoeg dezelfde plek als vorig jaar. Het najaar leverde zoals gebruikelijk enkele waarnemingen van jonge exemplaren op. Begin oktober werd een Aziatische Roodborsttapuit ontdekt op Schiermonnikoog FR en uitzonderlijk was de binnenlandwaarneming op 22 oktober bij Itteren LB. Deze kon op de dag van ontdekking niet meer worden teruggevonden, maar was de dag erop toch nog aanwezig, zodat veel lokale vogelaars hem nog konden zien. Een Izabeltapuit foerageerde op 7 oktober bij het Vogelmeer, NP Zuid-Kennemerland NH. Een fraaie adulte Bonte Tapuit werd op 16 juni gevonden op Vlieland FR en een eerste-winter was aanwezig op 28 oktober op Schiermonnikoog FR. Waterspreeuwen verschenen in de winter weer op diverse plaatsen, zoals gebruikelijk vrijwel uitsluitend Zwartbuiken uit het noorden. Uitzondering hierop vormde een langdurig in Gulpen LI verblijvende jonge Roodbuikwaterspreeuw, het resultaat van een plaatselijk broedgeval dat mogelijk binnen onze grenzen plaatsvond.

Roze Spreeuw Pastor roseus, Texel, 5 oktober 2019 (Wietze Janse)

Bruine Lijster Turdus eunomus, Vlieland, 27 oktober 2019 (Arnold Meijer)

Bruine Lijster Turdus eunomus, Vlieland, 25 oktober 2019 (Wietze Janse)

Twitch Bruine Lijster Turdus eunomus, Vlieland, 25 oktober 2019 (Wietze Janse)

Twitch Bruine Lijster Turdus eunomus, Vlieland, 27 oktober 2019 (Paul Gnodde)

Twitch Bruine Lijster Turdus eunomus, Vlieland, 27 oktober 2019 (Paul Gnodde)

Twitch Bruine Lijster Turdus eunomus, Vlieland, 27 oktober 2019 (Dirk van Straalen)

Blauwstaart Tarsiger cyanurus, Vlieland, 27 oktober 2019 (Wietze Janse)

Aziatische Roodborsttapuit Saxicola maurus, Schiermonnikoog, 5 oktober 2019 (Marijn van Oss)

Aziatische Roodborsttapuit Saxicola maurus, Itteren, 23 oktober 2019 (Bjorn Alards)

Izabeltapuit Oenanthe isabellina, Bloemendaal, 7 oktober 2019 (Leo JR Boon)

Bonte Tapuit Oenanthe pleschanka, Vlieland, 16 juni 2019 (Marchel Stienstra)

Bonte Tapuit Oenanthe pleschanka, Schiermonnikoog, 28 oktober 2019 (Jos Welbedacht)

Waterspreeuw Cinclus cinclus, Hoogeveen, 17 februari 2019 (Wietze Janse)

Citroenkwikstaarten werden met enige regelmaat gemeld; helaas ging het telkens om kortstondige verblijvende exemplaren, zoals bij ’s-Gravenzande ZH, Texel NH, Weesp NH, Lentevreugd ZH, de Eemshaven GR en Huizen NH. De roep van een Oosterse Gele Kwikstaart werd op 14 oktober opgenomen in de Marnewaard GR. Grote Pieper , Duinpieper , Siberische Boompieper en Roodkeelpieper komen elk najaar in kleine aantallen langs. Zeker nu meer mensen met geluidsopnameapparatuur rondlopen worden steeds vaker overtrekkende exemplaren opgemerkt. Leuk was de winterwaarneming van een Siberische Boompieper bij het Robbenoordbos NH, eind januari. Een Mongoolse Pieper werd op 17 december waargenomen op Rottumerplaat GR. Roodmus blijft een schaarse broedvogel, voornamelijk langs de kust, met in het najaar met regelmaat jonge vogels op diverse plekken. Witstuitbarmsijzen werden een enkele maal geclaimd, maar vervolgwaarnemingen of goede foto’s ontbraken. Opmerkelijk is de waarneming op 16 april waarbij de waarnemer dacht een Groenlandse Barmsijs rostrata voor zich te hebben. In het begin van het jaar zwierven er nog enkele Grote Kruisbekken rond, met een groep van 17 in het Drents-Friese Wold FR die bleef tot in februari (de start van de broedtijd). Een Witbandkruisbek werd op 5 maart gemeld in Heerlen LB.

Roodmus Carpodacus erythrinus, Slikken van Flakkee, 9 juni 2019 (Wietze Janse)

In juni zong weer een mannetje Cirlgors bij Nederweert, Limburg (op nog geen 10 km afstand van de plek waar in 2018 een mannetje zat te zingen), en een opmerkelijke waarneming betrof een vrouwtje bij de Zevenhuizerplas ZH, dat bekend werd dankzij foto’s op internet maar helaas niet kon worden teruggevonden. Een twitchbare Bosgors is zeldzaam en die in september in Noordwijkerhout ZH werd dan ook veelvuldig bezocht en, met wat geduld, door de meesten gezien. Gemakkelijker en veel tammer was de Dwerggors die erbij werd gevonden. Verder trokken Dwerggorzen in kleine aantallen langs of werden kort langs de kust waargenomen. Leuk was de waarneming van een Zwartkopgors op Ameland FR op 9 juni; deze bleek twitchbaar voor de mensen die nog snel de veerpont richting het eiland konden pakken. Een tweede waarneming werd vanwege een broedgeval van een andere soort noodgedwongen geheim gehouden en bevond zich een dag later, op 10 juni, aan de rand van een akker in het midden van de provincie Groningen. Verbazingwekkend genoeg bleek dit om hetzelfde exemplaar als dat van Ameland te gaan! Terwijl veel mensen op zondag 27 oktober op Vlieland waren voor een Bruine Lijster, werd er door anderen gezocht op de Maasvlakte ZH. Er ontstond gerede paniek toen daar een gors met een witte wenkbrauwstreep werd gemeld. Deze wist zich goed te verbergen in de dichte bosschages van de stuifdijk. Toen hij beter in beeld kwam en kon worden gefotografeerd, bleek het zoals al werd gedacht om een Witkeelgors te gaan. Die middag liet de vogel zich wel horen maar telkens (te) kort zien, zodat niet alle waarnemers met een bevredigende waarneming huiswaarts keerden. Daarom waren de volgende maandagochtend nog weer meer dan 200 belangstellenden aanwezig. Hetzelfde tafereel herhaalde zich,de vogel zat verborgen in het struikgewas en liet zich de eerste uren niet zien, maar gelukkig wel horen. Om hem te zien moest je op het de juiste moment op de juiste plek staan. Dit gebeurde viermaal in de ochtend, met als resultaat dat aan het eind van de ochtend nog maar 40 van de ruim 200 aanwezigen hem één of meerdere keren in beeld hadden gehad. De overigen moesten tot eind van de middag geduld hebben, voordat hij voor iedereen langer acte de présence gaf. De dagen erna werd hij alleen maar moeilijker en steeds korter gezien of alleen maar gehoord; de laatste melding dateert van 31 oktober. Er werd nog een voedertafel met zaad neergezet om de vogel naartoe te lokken, zonder resultaat. ‘Out of the blue’ doken er op drie plekken Indigogorzen op. Zo sijpelde eind maart het nieuws door over een mannetje in Purmerend NH. Helaas bleek het te gaan om een ontsnapte kooivogel met ring. Op 9 april werd een ongeringd adult mannetje gefotografeerd op een dakterras in Veenendaal UT. Tot slot dook er een (matige) foto op van een mannetje op 18 april in het Amstelpark, Amsterdam NH. Er lijkt weinig kans dat één hiervan aanvaard zal worden.

Cirlgors Emberiza cirlus, Nederweert, 6 juli 2019 (Toy Janssen)

Cirlgors Emberiza cirlus, Zevenhuizerplas, Rotterdam, 10 juni 2019 (Rob van Dorland)

Bosgors Emberiza rustica, Noordwijkerhout, 28 september 2019 (René van Rossum)

Zwartkopgors Emberiza melanocephala, Ameland, 9 juni 2019 (Durk Lautenbag)

Witkeelgors Zonotrichia albicollis, Maasvlakte, Rotterdam, 27 oktober 2019 (Mayro Pattikawa)

Witkeelgors Zonotrichia albicollis, Maasvlakte, Rotterdam, 27 oktober 2019 (Peter van Rij)

Witkeelgors Zonotrichia albicollis, Maasvlakte, Rotterdam, 27 oktober 2019 (Peter van Rij)

Twitch Witkeelgors, Maasvlakte, 28 oktober 2019 (Wietze Janse)

Witkeelgors Zonotrichia albicollis, Maasvlakte, 28 oktober 2019 (Herman van den Brand)

De laatste vogelsoort in dit overzicht die het land op zijn grondvesten deed schudden was een Mirtezanger die op 12 oktober werd gevangen op Schiermonnikoog FR. Het was pas de tweede, en de eerste was alweer van 1996 geleden, dus velen zagen hier een kans om een mooie blokker toe te voegen aan hun lijst. De vogel werd op een makkelijke waarnemingsplek losgelaten, waar het publiek bij mocht zijn. Maar omdat ook volgens de nieuwe 'telregels' een losgelaten ringvangst pas telbaar is op de dag na vrijlating, en veel mensen dezelfde dag niet meer op het eiland konden komen, werd het pas de volgende ochtend druk. Ook van Vlieland (Deception Tours) werden boten en hotelletjes geregeld, maar de keuze werd niet gemakkelijk omdat tegelijkertijd ook een vale spotvogel op het vasteland werd gemeld. Uiteindelijk trokken veel van degenen die er toch voor kozen eerst naar de Mirtezanger te gaan aan het langste eind, hoewel ze tot c 11:00 geduld moesten hebben voordat hij werd teruggevonden (terwijl de vale spotvogel langzaam maar zeker een Grote Vale Spotvogel werd). De Mirtezanger was echter beweeglijk, kon na 12:00 niet meer worden teruggevonden en werd door een aantal ongelukkigen gemist, terwijl de mazzelaars aan het eind van de middag nog de Grote Vale Spotvogel konden intikken. Verrassend genoeg bleek de Mirtezanger ruim een week later, op 22 oktober, nog steeds op het eiland en kon daar door enkele gelukkige vogelaars worden gezien. Dat bleek tevens voor het laatst want de volgende dag was hij spoorloos.

Mirtezanger Setophaga coronata, Schiermonnikoog, 13 oktober 2019 (Martijn Verdoes)

Mirtezanger Setophaga coronata, Schiermonnikoog, 13 oktober 2019 (Bram Roobol)

Twitch Mirtezanger, Schiermonnikoog, 13 oktober 2019 (Leo Heemskerk)

Twitch Mirtezanger Setophaga coronata, Schiermonnikoog, 13 oktober 2019 (Folkert Jan Hoogstra)

Twitch Mirtezanger Setophaga coronata, Schiermonnikoog, 13 oktober 2019 (Folkert Jan Hoogstra)

Met dank aan waarneming.nl en de samenstellers van 'Recente meldingen' in Dutch Birding: Roy Slaterus, Hans Groot & Vincent van der Spek. Tevens dank aan degenen die hun foto's van zeldzame vogels in 2019 op dutchbirding.nl hebben gedeeld, waardoor dit overzicht royaal van beelden kon worden voorzien. 

Jaarlijsten
Het jaarlijsten blijft populair maar recordpogingen blijven voorlopig nog uit; het huidige record van 360 uit 2014 staat dan ook erg sterk. Hieronder een tabel met mensen die de 300 grens doorbraken dit jaar. De hele lijst is hier te vinden; die van de mensen die hun jaarlijst op waarneming.nl bijhielden is hier te zien. Een totaaloverzicht van alle waargenomen soorten is ook te vinden op waarneming.nl (inloggen vereist).

Ranking
In de ranking treden maar kleine veranderingen op en het is wachten op c 10 beslissingen van de CDNA. Het hangt daarvan af of en hoe de ranking komend jaar weer zal wijzigen. Een klein overzicht van de Top10+ hieronder, de hele ranking is hier te vinden.

2020
Dutch Birding Association wenst iedereen een goed, gezond en vogelrijk 2020 toe!

Wietze Janse, Garry Bakker, Arnoud B van den Berg

Discussie

Ellen de Bruin  ·  5 februari 2020  11:41

Mooi verslag! Kleine correctie: de Bairds Strandloper van 18 september zat niet in Polder IJdoorn maar op IJburg.

Peter Rozemeijer  ·  8 januari 2020  22:05

Een prachtig verslag van een gedenkwaardig jaar! Nog een kleine correctie: het wintergeval van de Siberische Boompieper van Robbenoord was eind januari en niet eind februari.

Sander van de Water  ·  6 januari 2020  13:52

Geweldig verslag!! Onderschrift bij laatste drie foto's betreffende Grote Vale Spotvogel moet denk ik 14 oktober zijn....

Frank Meeuwissen  ·  4 januari 2020  19:56

Een fraai overzicht weer! De Cirlgors zat dit jaar in Nederweert. In 2018 zat een/de vogel in Weert. Is een andere gemeente. 

S.v.p. aanpassen. Alvast bedankt!



Wouter van der Ham  ·  3 januari 2020  13:38

Hier ook nog een kort filmpje van de Mirtezanger twitch op de zondag

Rients Niks  ·  2 januari 2020  19:33

Bij de laatste beelden van de twitch van de Mirtezanger staat als locatie Vlieland. Dat is Freudiaanse verschrijving voor Schiermonnikoog?

André van Reenen  ·  2 januari 2020  16:09

Mooi verslag!
Zoals elk jaar nauwelijks getwitcht, maar toch met een foto erin (Meenatortel), super.

Garry Bakker  ·  2 januari 2020  09:21, gewijzigd 2 januari 2020  17:29

@Steven: dank, staat erin!

Marc Plomp  ·  2 januari 2020  08:32

Geweldig verslag, met plezier gelezen. Ook leuk om te zien dat er tegenwoordig in (voor mij :-)) nietszeggende polders mega's ontdekt worden. Complimenten voor de ontdekkers en natuurlijk voor de samenstellers van dit verslag. 

Steven C. Wytema  ·  1 januari 2020  12:23

Deze (+) Klein Waterhoen ontbreekt nog 

Alex Bos  ·  1 januari 2020  02:27

Mijn complimenten over het jaaroverzicht! Geen commentaar,want ik ben al lang blij dat er twee foto's van mij in voor komen 😊

Wim Wiegant  ·  1 januari 2020  00:28, gewijzigd 1 januari 2020  00:32

Natuurlijk verdient Wietze ook alle loftuitingen voor zijn niet-te-bevatten inspanningen op het gebied van... precies de dingen waar andere mensen helemaal geen zin in hebben …: communicatie, andermans Apps bijhouden en dat weer doorgeven, verkeersonderwijs, volwassenenonderwijs;  ... en dan maakt hij ook nog van die geweldige foto's (zie jaarverslag DB) …! Wat een heilige …! 

Wietze Janse  ·  31 december 2019  20:28, gewijzigd 31 december 2019  20:54

@Max, Aart staat gewoon in onze ranking, die nemen wij over. Wie dat bijhoudt maakt me niet uit, maar dat is de basis en de gegevens die we direct tot onze beschikking hebben. Ofwel diegene staan erin, geldt ook voor het korte overzichtje jaarlijsters.

Garry Bakker  ·  31 december 2019  20:25

Goed gezien, filmpje is van FJH, dubbele versie is verwijderd. 

Edwin Schuller  ·  31 december 2019  20:20

Ligt het aan mij, of zijn de filmpjes Twitch Mirtezanger FJ Hoogstra en Twitch Mirtezanger H vd Brand precies hetzelfde filmpje?

Garry Bakker  ·  31 december 2019  19:16

@Jacob, dank voor je aanvullingen en verbetering!

Jacob Bosma  ·  31 december 2019  19:04

In Beijum kan veel, maar de Zwartkopgors werd gezien naast een akker in, laten we zeggen, Midden-Groningen...

Verder ontbreken nog de (opname van vrijwel zekere) Oosterse Gele Kwikstaart op 14 oktober Marnewaard en de Mongoolse Pieper op Rottumerplaat op 17 december.

Complimenten verder voor dit uitgebreide overzicht en ook voor de plezierige website DB ondertussen is.

Wietze Janse  ·  31 december 2019  18:01, gewijzigd 31 december 2019  18:03

Dank je voor je support Wim, ik ben er ook voorstander van. Mijn 1e draft stond dan ook vol met geroeptoeter en one-liners, maar die Garry & Arnoud redigeren dat er gewoon uit ☹️ 😉

Garry Bakker  ·  31 december 2019  17:47, gewijzigd 31 december 2019  17:48

@Wim: Nee, nog leuker dan dit wordt het niet meer dit jaar. Die paar dubbelzinnige oneliners over status enzo, die hebben we omwille van de, laten we zeggen,  toekomstbestendigheid van dit verslag, toch maar weggelaten ;-). Maar niet getreurd, Lonnie & Diedert gaan in 2020 zeker door met 'roeptoeteren' om hun groeiende fan base van snedige content te voorzien! 

Wim Wiegant  ·  31 december 2019  17:08, gewijzigd 1 januari 2020  01:02

Heel gaaf verslag natuurlijk, … maar … uuuhh, kunnen we ook nog een overzicht van Lonnie en/of Diedert verwachten …? Niets over de "over-de-houdbaarheidsdatum" van de auteurs, maar L & D zijn toch iets minder hypercorrect ("geroeptoeter", heb ik het door één van de auteurs van het jaarverslag zien noemen), en precies daarom misschien iets leuker. Wat zouden ze nu weer in hun glazen bol zien…?

Aan de andere kant begrijp ik dat nu het gras voor de voeten van de Kleine Regenwulp is weggemaaid …!

Garry Bakker  ·  31 december 2019  16:29

Dank je Robert, staat erin, met een link naar de opnamen. 

Robert Keizer  ·  31 december 2019  15:44

Mooi verslag van een Top jaar, ik mis alleen nog een nieuwe voor NL namelijk de Vale spotvogel spec van de Eemshaven 20 november dacht ik. Volgens de app inmiddels zeker een vale spot 

Janneke Kimstra  ·  31 december 2019  13:55

Fijn jaarverslag mannen. Volgend jaar beter mn best doen. Zelfs van de Utrechtse soorten heb ik er een hoop niet gedaan...

Wim Nap  ·  31 december 2019  13:52

Mooi overzicht heren. Kleine opmerking, Wedderbergen ligt in de provincie Groningen

Luuk Punt  ·  31 december 2019  13:13

Prachtig verslag, mannen!

Max Berlijn  ·  31 december 2019  13:11, gewijzigd 31 december 2019  13:14

Mijn voorspelling voor 2020 is 0 tot -1 (bijv. Indigogors) nieuwe soort, zo gaat het altijd na zo’n jaar,  sorry jongens  

Hans Groot  ·  31 december 2019  13:09

Wietze, prima! Het is een heerlijk overzicht om te lezen!

Eduard Sangster  ·  31 december 2019  12:54

Ogh, wat een jaar wat dit zeg! Een onwaarschijnlijke lange rits waanzinnige soorten (die soms te kort bleven). Enig smetje: geen Haakbek. Mooi overzicht heren! Toekomst: maar liefst 154 soorten zijn voorspeld in het voorspelspel, waarvan 100 2x of meer. Op naar de 600! 

Folkert Jan Hoogstra  ·  31 december 2019  12:26

Wat steltjes betreft is er nog genoegd leuks over lijkt me: Amerikaanse Watersnip, Rode Grutto, Amerikaanse Regenwulp, Willet, Steppeplevier, twitchbare Grijze Ruiter, etc..

Wietze Janse  ·  31 december 2019  12:17

Hans, zag gister ook nog een zingende Oprheusspotvogel in het groninge langskomen, tegenwoordig teveel zingende vogels om alles te noemen, dus een kleine greep gemaakt. 

Hans Groot  ·  31 december 2019  12:10

En wat Orpheusspotvogel betreft: er was nog een territoriaal paar (onder embargo) in het Noord-Hollands Duinreservaat bij Egmond-Binnen, eind mei / begin juni. Tot broeden is het niet gekomen. 

Garry Bakker  ·  31 december 2019  12:03

Check!

Edwin Schuller  ·  31 december 2019  11:59

@Garry: ik heb er nog eentje "Met behulp van de roep en fraaie foto’s werd de determinatie als Grote Vale Spotvogel uitgewerkt, zie hier; later kwam daar de DNA-bevestiging overheen dankzij twee poepmonsters!"

Gijsbert van der Bent  ·  31 december 2019  11:51

Nauwelijks te bevatten dit jaar, als je even de tijd neemt (kan nemen...) om het te laten bezinken. Met Alaskastrandloper en Kleine Regenwulp hebben we twee most-wanted steltjes op de Nederlandse lijst mogen bijschrijven. Even los van rare kieviten blijven dan redelijkerwijs alleen nog Kleinste Strandloper en Mongoolse Plevier over? Oh sorry, Kleine Grijze Snip en Amerikaanse Bontbek kunnen ook nog. Zet 'm op Wim! Of wie dan ook.

Edwin Schuller  ·  31 december 2019  11:47

@Ed: zo te zien is de Notenkraker niet op ondersoort niveau aanvaard. 

Garry Bakker  ·  31 december 2019  11:42

@Edwin: dank, staat er nu in. 

Edwin Schuller  ·  31 december 2019  11:35

Klopt deze zin wel: "Leuk waren drie Monniksgieren in de Lage Landen, waaronder ook een geringde die eerst in België zat, waarvan de geschiedenis hier is na te lezen."

Moet "hier" niet een linkje zijn? 

Max Berlijn  ·  31 december 2019  11:32

O maar eeh Aart houden jullie wel bij want, zo begreep ik, voert die alleen in op waaneming.nl. Maar eeh okay, begrijp het.

Wietze Janse  ·  31 december 2019  11:23

Max, Jan heeft zijn lijst verwijderd uit de ranking, ofwel niet meer zichtbaar. Zet hij hem terug komt hij ook weer in het overzicht. Allerlei schaduwlijsten bijhouden is teveel werk voor dit verslag, en hij blijft welkom met zijn lijst.

Max Berlijn  ·  31 december 2019  11:11, gewijzigd 31 december 2019  11:12

Foutje in de ranking;  Jan van der Laan moet er nog tussen in de ranking, dacht al, ik “woon” al 20 jaar op nummer 9.....Top gemaakt overigens 👍🍾

Ed van Boheemen  ·  31 december 2019  11:07, gewijzigd 31 december 2019  11:08

Prachtig verhaal weer!!! Als aanvulling, volgens mij is de Notenkraker een Diksnavelnotenkraker. En die was ook al weer heel lang geleden! Iedereen een veilig, plezierig, gezond, vreugdevol en soortenrijk 2020!!!!

Hans Groot  ·  31 december 2019  11:05, gewijzigd 31 december 2019  11:18

Chapeau, heren! Een prachtig overzicht van een geweldig jaar. De Lachmeeuw was overigens niet bij Camperduin, maar bij Castricum aan Zee en is bovenal inmiddels niet aanvaard door de CDNA.

Rob Halff  ·  31 december 2019  10:24, gewijzigd 31 december 2019  10:27

Wauw, fraai overzicht heren! Wat een fantastisch jaar was het met veel buitencategoriesoorten die menigeen zo 123 niet op hun netvlies hadden staan. Ben benieuwd of we deze goede flow gaan voortzetten in 2020. Iedereen alvast een goed uiteinde en een mooi vogeljaar gewenst.

Garry Bakker  ·  31 december 2019  10:10, gewijzigd 31 december 2019  10:10

Nee, hij zat op 14 mei op Pag, Kroatië. Aangepast. Dank!

Jeroen Brandjes  ·  31 december 2019  10:03

Prachtig overzicht! Hulde! Klein detailvraagje: klopt het dat de Indische Kievit op dezelfde datum (31 mei) zowel in Kroatië als in Beieren waargenomen is!? Dat lijkt me niet te kunnen kloppen...

Gebruikers van het forum gaan akkoord met de forumregels.

Feedback?