DB Terugblik

Een terugblik op de waarnemingen van de afgelopen periode.

Juli 2022

7 augustus 2022  ·  Wim Wiegant  ·  3285 × bekeken

In juli gebeurt er normaal gesproken niets, of bijna niets. Behalve dat de zeldzame waders meestal als eerste trekkers terugkomen van de broedgebieden, na het mislukken van het broedseizoen. Dat kan dan weer heel wat opleveren! We blikken terug op juli 2022.

Hoogtepunten

Sakervalk

Het absolute hoogtepunt, op het gebied van zeldzaamheden, van de maand juli was de ontdekking van een Sakervalk op Ameland, op 28 juli. Er was enige reserve omdat er een tijdlang een ontsnapte en gezenderde Sakervalk had rondgevlogen, onder meer op Helgoland in Duitsland, maar dit was niét die vogel. Als het geval wordt aanvaard, betreft het pas het tweede van Nederland, na het eerste op 18-20 juli 2019 bij Den Oever (NH). Jammer genoeg werd de vogel na de waarneming op 28 juli verder niet meer gezien.

Woestijnplevier

Er werden Europa een stuk of vijf Woestijnplevieren ontdekt in juli, waarvan twee in Nederland. Eerst werd er een gevonden op Texel, en daarna een bij Zwarte Haan in Friesland.

Woestijnplevier Anarynchus leschenaultii, Texel (NH), 22 juli (Eric Menkveld)

Slangenarend

Een ander hoogtepunt, niet in zeldzaamheid, maar in aantallen, was de Slangenarend. Nog nooit waren de aantallen zo hoog. Hier is er een stukje over te vinden. De Slangenarend moet zo onderhand ook de meest gefotografeerde soort in Nederland zijn, maar omdat de vogels meestal vrij hoog vliegen, zijn lang niet alle foto’s even goed.

Overzicht

Eenden en ganzen

Witoogeenden zaten op hun vaste plekken bij Schiedam (ZH) en op het Dwingelderveld (Dr). daar kunnen we verder niets aan toevoegen.

Kwartels tot aalscholvers

Een vogelaar die op 1 juli met zijn telescoop even de Kraaijenbergse Plas, nummer 7 (Gld) scande, stuitte op een IJsduiker in schitterend volledig zomerkleed. De prachtige vogel trok veel bekijks en bleef aanwezig tot 11 juli.

IJsduiker Gavia immer, Cuijk (NB), 11 juli (Hans van de Laarschot)

Een Ralreiger werd op 9 juli ontdekt bij Berkel en Rodenrijs. Er was veel belangstelling voor, maar de vogel liet zich niet van de wijs brengen en kon geweldig worden gefotografeerd. Tot 23 juli werd de vogel gezien.

Ralreiger Ardeola ralloides, Berkel en Rodenrijs (ZH), 19 juli (Peter Soer)

De Koereiger, altijd leuk om daar de hoogste aantallen van bij te houden. Deze maand waren er 25 tegelijk te zien in de Sliedrechtse Biesbosch op 31 juli. Het aantal broedparen in de Wieden (Ovl) is nog niet bekendgemaakt, maar in de maand juli zaten er een stuk of tien adulte vogels. Slechts acht Zwarte Ibissen werden doorgegeven. Dat doet vermoeden dat er geen broedgevallen waren in Nederland, tenzij er gevallen geheim werden gehouden. De binnenlandse Kuifaalscholver, de zwerver die sinds 24 oktober van vorig jaar bijna altijd onder een brug bij Helmond verblijft, bleek daar op 24 juli nog aanwezig te zijn. De vogel was daar op 16 maart voor het laatst doorgegeven, maar zal nooit ver weg zijn geweest.

Waders

Steltkluten waren in aardige groepen hier en daar te zien. Op 30 juli werden er 28 geteld in de Ezumakeeg (Fr), en op andere plekken werden ook aardige aantallen gezien, zoals 20 in het Hunzedal (Dr) op 30 juli, en zes op dezelfde dag in het Zuidlaardermeergebied (Gr), en op 29 juli zes op de Marker Wadden, vier bij Sliedrecht, drie bij Berkel en Rodenrijs en drie bij Vlaardingen (ZH). Wat is een zomer zonder Aziatische Goudplevier? Onvoorstelbaar... Het eerste exemplaar van deze zomer werd gezien op Schiermonnikoog.

Aziatische Goudplevier Pluvialis fulva, Schiermonnikoog (Fr), 23 juli (Jesse Pieter Sinnema)

Een Woestijnplevier in adult zomerkleed werd gevonden bij de Prins Hendrikzanddijk op Texel (NH). Een andere, ook in zomerkleed, werd gevonden bij Zwarte Haan (Fr) door iemand die al eens eerder een Woestijnplevier had gevonden. Daar koop je dus niets voor bij het bijhouden van een zelfondeklijst, de lijst van vogelsoorten die je zonder hulp van anderen hebt ontdekt..! Er was nog wel enige discussie rond de vraag of de vogel van Texel en die van Zwarte Haan niet dezelfde was. We weten nog niet wat de uitkomst van die discussie was, maar de twee plekken liggen wel meer dan 60 km van elkaar vandaan, waarmee dan weer niet zoveel gezegd is. Nederland staat bol van de vervolggevallen die veel meer dan 60 km van de oorspronkelijke vindplek verwijderd waren, met Steltstrandloper, gevonden in Leudal (L) op 11 mei 2016, in Borculo (Gld) op 14-18 mei (105 km van de vindplek) en op Terschelling (Fr) op 19 mei (165 km van Borculo en 240 km van Leudal) als absolute topper. Breedbekstrandlopers werden gezien op hun vaste stek in de Dollard (Gr) op 24 juli. Bij Zwarte Haan, Ferwert (Fr) zo ongeveer de andere vaste stek, werd er ook een gevonden, op 25 juli. Op 25 juli werd een Bonapartes Strandloper gevonden op Texel (NH), vlak bij De Bol. Een tweede werd op 28 juli bij Westhoek (Fr) op het wad gevonden. Met vier gevallen in 2016 en vijf gevallen in 2017 als hoogste aantallen, zitten we met deze twee redelijk op koers naar een recordjaar.

Bonapartes Strandloper Calidris fuscicollis, Texel (NH), 25 juli (Tim Schipper)

Een Blonde Ruiter werd ontdekt bij Ottersaat op Texel op 27 juli, en op 28 juli werd er een gezien bij de Putten van Petten (NH). Gestreepte Strandlopers werden gezien op 3 juli bij Haastrecht (ZH), op 8 juli bij de Bol op Texel (NH), en later in de maand op 22 juli bij Alteveer (Gr) en bij het Zuidlaardermeer (Gr) en weer een op Texel, op 23 tot 30 juli bij de Breebaartpolder (Gr), op 29 juli en later bij Petten (NH) en op 31 juli in Waal en Burg op Texel (NH). Het aantal gevallen van Amerikaanse strandlopers in 2022 ligt op recordkoers. Na zwakke jaren van 2018 tot en met 2021 met respectievelijk 10, 6, 9 en 7 gevallen (exclusief gevallen van Gestreepte Strandloper en Blonde Ruiter) hebben we er nu al 13. En we hebben de beste maanden nog te gaan! En we hadden nog meer nieuws uit Amerika: op de avond van 10 juli werd een Poelruiter doorgegeven bij Den Oever (NH), die bij nader inzien een Grote Franjepoot bleek te zijn. Hoewel dit al het 26e geval is, kwam de soort zeer gelegen. De laatste jaren is de soort heel zeldzaam geworden in Europa (dat wil zeggen, in ieder geval in Groot Brittannië en Nederland), terwijl de aantallen in Amerika niet speciaal terug lijken te lopen. Het laatste geval dateerde van 2014. De vogel bleef tot in augustus.

Grote Franjepoot Phalaropus tricolor, Den Oever (NH), 13 juli (Wim van Zwieten)

Een Terekruiter werd op 14 juli ontdekt vlakbij Ottersaat op Texel (NH). De vogel was tot 16 juli waar te nemen. Op 20 juli werd er ook een gezien op Rottumerplaat. De Kleine Geelpootruiter was vroeger een prioritaire soort, maar die tijd is nu wel voorbij! Op 21 en 22 juli werd er een gezien in Polder de Biesbosch bij Dordrecht.

Terekruiter Xenus cinereus, Texel (NH), 14 juli (Jeroen de Bruijn)

Kleine Geelpootruiter Tringa flavipes, Dordrecht (ZH), 22 juli (Matthijs Molenaar)

Er werden niet veel Poelruiters gezien. De eerste, een juveniele, werd gezien in Zoetermeer (ZH) op 4 juli. Op 14 juli werd er een gezien in de Dordtsche Biesbosch, welke plek het tegenwoordig aardig hot is. Bij Willeskop werd op 26 en 27 juli weer een juveniele gezien. Daarna werd op 27 juli weer een juveniele gezien bij Haastrecht (ZH). Amerikaanse steltlopers zijn natuurljk allemaal adult, als ze in juli in Nederland worden ontdekt. Dat gold in ieder geval voor een Grote Grijze Snip die werd gevonden in de Ezumakeeg (Fr) op 20 juli en die op 21 juli nog aanwezig was. Een andere adult werd gevonden in het Zuidlaardermeergebied op 31 juli.

Meeuwen en sterns

Een verrassende waarneming was die van een adulte Kleinste Jager op 4 juli bij de Zandmotor bij Ter Heide (ZH). Aan het einde van de maand, op 26 juli, werd weer een adulte gezien bij Camperduin. De soort is zeer zeldzaam in juli.

Kleinste Jager Stercorarius longicaudus, Ter Heide (ZH), 4 juli (Rinse van der Vliet)

De Kleine Burgemeester van Scheveningen tot Katwijk was nog de gehele maand te zien, voornamelijk aan het strand en de haven van Scheveningen. In 2009 was er ook al eens een Kleine Burgemeester in juli, van 2 tot 10 juli, in Katwijk aan Zee. Vóór 2009 waren er geen juli-gevallen, maar wel enkele in augustus.

Kleine Burgemeester Larus glaucoides, Scheveningen (ZH), 17 juli (Jan van der Sluis)

Terug naar de realiteit van alledag: de Lachstern heeft een aardig broedseizoen achter de rug, zonder veel last van de vogelgriep, waar de Grote Stern zo van te lijden heeft gehad. Een flink aantal werden er gezien op hun reguliere pleisterplaats bij Alteveer (Gr), zo'n beetje vanaf 19 juli. Er werden er daar op 23 juli 41 geteld. De kolonie in Noordwest-Duitsland zou zo'n zestig jongen hebben voortgebracht.

Lachstern Gelochidon nilotica, Vlagtwedde (Gr), 27 juli (Fred Visscher)

Sommige vogelaars hebben van een soort er meer dan een op hun zelfontdeklijst. Van uitgestorven soorten wordt dat al weer een stuk moeilijker. Toch is er een waarnemer die nu al vijf of zes Reuzenalken op zijn zelfontdeklijst heeft. En dat terwijl de soort niet eens op de Nederlandse lijst staat...! Opgespoten zand uit de Noordzee blijkt flinke aantallen overblijfselen van deze in 1844 uitgestorven soort te herbergen.

Reuzenalk Pinguinus impennis, Katwijk aan Zee (ZH), 16 juli (Arie Twigt)

Roofvogels, maar geen valken, en uilen

Op 3 juli werd de enige Grijze Wouw van deze periode gezien in Zaamslagveer bij Terneuzen (Zld). Bijna de hele maand was de Lammergier Eglazine van de Veluwe, en vooral de Hoge Veluwe, bijna dagelijks te zien. Het blijft wel fascinerend dat het de vogel lukte om soms meerdere dagen achter elkaar niét gezien te worden. Zo werd de vogel in juli twee keer drie dagen en een keer vier dagen niet doorgegeven. Dat zo'n reuzin zich al die tijd kan schuilhouden is wonderbaarlijk. Na 27 juli werd de vogel overigens niet meer doorgegeven; of ze zich in augustus nog zal laten zien, dat is de vraag die we volgende maand gaan beantwoorden. Het kan dit jaar niet op met de Slangenarend. Halverwege de maand zou het zevende exemplaar van de Hoge Veluwe zijn gezien. Op 24 juli waren er vijf tegelijk te zien in het Fochteloërveen, maar werd het totale aantal op zes à zeven geschat. Twee is een laag aantal (voor een groep althans), maar zoveel werden er nog gezien op de Strabrechtse Heide en op het Dwingelderveld op 30 juli. In de Oostvaardersplassen zat er maar één, vanaf 27 juli. Je kunt je afvragen in hoeverre de vogels op en neer vliegen tussen de geschikte gebieden. Het is in ieder geval duidelijk dat de aantallen nog nooit zo hoog waren.

Slangenarend Circaetus gallicus, Dwingelderveld (Dr), 27 juli (Jan Vriend)

Bijna-zangvogels

Een van de onmiskenbare voordelen van de global warming is de toename van de Bijeneter als broedvogel in Nederland. Waarschijnlijk in tegenstelling tot wat verwacht zou kunnen worden, was dit jaar het aantal broedgevallen – zo te zien aan de waarnemingen - zeer laag. Ook buiten de broedgevallen werden er niet zo heel veel gezien: er waren waarnemingen in 13 uurhokken, waaronder een waarneming van 7 exemplaren bij Swalmen (L) op 31 juli. De rest van de waarnemingen betrof eenlingen en tweetallen.Op de vroege avond van 28 juli werd een Sakervalk ontdekt tussen Buren en Nes op Ameland (Fr). Later in de avond werd al duidelijk dat het zeker niet ging om de gezenderde en ontsnapte vogel die al enige tijd op Helgoland werd gezien, en die ook al in Nederland en Denemarken was vastgesteld. De vogel van Ameland werd overigens ontdekt door dezelfde vogelaar die op 5 augustus 2001 ook al eens een Sakervalk had ontdekt, bij Zurich (Fr), maar die was wel ontsnapt. In het streven naar het opknappen van de zelfontdeklijst, heb je dan wel een héél goede zet gedaan...! Bij aanvaarding gaat het om het tweede geval voor Nederland. Het eerste was van 18 tot 20 juli 2019 bij Den Oever (NH).

Sakervalk Falco cherrug, Ameland (Fr), 28 juli (Jan Bisschop)

Zangvogels

De gehele maand was de Bonte Kraai van Schiermonnikoog nog te zien. Daarbuiten werden er geen vastgesteld. De Krekelzanger bij de Drentsche Aa (Dr), die begin juni al was ontdekt, bleef nog tot 3 juli. De vogel van Borgweer (Gr) hield het nog tot 16 juli vol. Het feit dat beide vogels zeer lang bleven zingen, doet vermoeden dat het niet tot broedgevallen is gekomen. Struikrietzangers deden het niet best, naar recente standaarden, en geheimgehouden broedgevallen daargelaten. Alleen op Westenschouwen was tot 4 juli een vogel aanwezig. Graszangers maakten een kleine explosie buiten Zeeuws Vlaanderen door, met vogels in de Sliedrechtse Biesbosch vanaf 18 juli, de Groote Peel (L) vanaf 23 juli, Den Oever vanaf 26 juli, De Wieden (Ovl) op 27 juli en 28 juli, en bij Ternaard (Fr) vanaf 29 juli.

Graszanger Cisticola juncidis, Den Oever (NH), 27 juli (Wim van Zwieen)

Inmiddels elders

De derde Groene Bijeneter voor Hongarije bij Nagy-szék, en de tweede voor Zwitserland bij Oeschgen, werden beide op 1 juli gevonden. Een geweldig leuk verlaat verhaal was dat van de Gewone Maskerzanger die op onbekende wijze in Spanje, in Vigo, Galicië op een boot terecht was gekomen en daar werd gezien op 4 mei, en die de terugreis naar Amerika helemaal per boot heeft gemaakt, tot in Florida, met een tussenstop in de Cariben zonder zelfs maar de boot te verlaten. Een retourtje over de Atlantische Oceaan mag voor een zangvogel absoluut een unieke gebeurtenis heten! Niet-zangvogels als Ringsnavelmeeuw en Kleine Geelpootruiter deden al eerder een retourtje. Een Sierlijke Stern werd in Wexford, Ierland, gefotografeerd, waar het al de zevende was. Op 12 juli werd een zomerkleed mannetje Geelbrauwgors gevonden in Finnmark in Noorwegen, de eerste voor dat land. Niet geheel de datum die je verwacht, maar had Nederland niet een keer een Bruinkopgors in juli? De Nederlandse Woestijnplevier van 12 juli op Texel was de tweede van een influxje: op 7 juli werd de eerste gevonden bij Sandgrube, Hesse, Duitsland, en na het Nederlandse geval werd er op 15 juli werd er een gezien bij Reve, Noorwegen, en op 17 juli werd de derde voor Bulgarije gefotografeerd. De Ringsnavelmeeuw die in 2005 als adult werd geringd in Polen en in december 2021 van een zender werd voorzien, en die afgelopen winterseizoen werd gezien in Nederland en België, en ook al eerder in beide landen in 2012, blijkt te hebben gebroed in Nizhy Novgorod in Rusland. Na het broedseizoen begon de vogel naar het westen te bewegen, om, na in het voorjaar al de eerste van Wit-Rusland en Rusland te zijn geweest, nu de eerste van Litouwen te worden.

De glazen bol

Er kan geen twijfel over bestaan: dé soort om te zoeken in de maand augustus wordt de Eleonora’s Valk, waarvan een tweede geval uit augustus 2015 kortgeleden werd opgeduikeld uit de archieven van de onovertroffen website waarneming.nl. Verder, zoals eerder al aangegeven, zijn we op weg naar recordaantallen zeldzame steltlopers, dus als Kleinste Strandlopers of Rode Grutto's deze rubriek lezen zijn ze gewaarschuwd...! We hoeven ze alleen nog maar te vinden, en daarbij wensen we iedereen weer veel zoekplezier!

Eleonora's Valk Falco eleonorae, Noordhollands Duinreservaat, Castricum (NH), 20 augustus 2015 (Jos Vroege)

We willen alle waarnemers en fotografen hartelijk bedanken voor hun bijdrages aan dit verslag.
We would like to thank all observers and photographers for their contributions to this report.

Wim Wiegant

Discussie

Wim Wiegant  ·  24 augustus 2022  11:28, gewijzigd 24 augustus 2022  11:32

Jos, het is eigenlijk wat aan de late kant om het nog te corrigeren, maar omdat het zo'n leuk woord is (vanwege de spelling): Prins Hendrikzanddijk, heb ik het aangepast. Op Google Earth staan er overigens twee verschillende spellingen van het woord direct naast elkaar (de parkeerplaats wordt anders gespeld: Prins Hendrik Zanddijk, hetgeen natuurlijk niet correct is). 

Jos van den Berg (birdingtexel.com)  ·  21 augustus 2022  07:22

De Woestijnplevier op Texel werd ontdekt bij de Prins Hendrikzanddijk. Een   buitendijks natuurgebied gelegen aan de oostkant van Texel tussen Oudeschild en 't Horntje.

Wim Wiegant  ·  9 augustus 2022  13:35

Ik heb de tekst aangepast...!

Folkert Jan Hoogstra  ·  9 augustus 2022  11:56

Heerlijk weer om terug te lezen. Juli was geen verkeerde maand. Over de Bonapartes van de Keeg bestaan wat onzekerheden, omdat deze wellicht beter jizzt als Krombek en details als koppatroon en tekening op de flank door de afstand niet zichtbaar zijn. De ontdekker heeft die waarneming inmiddels op onzeker gezet. 

Wim Wiegant  ·  9 augustus 2022  11:42

Natuurlijk hebben Toy Janssen (ICT) en Garry Bakker (Nederlands, correcties en fact checking) weer hun onmisbare bijdrage geleverd...!

Gebruikers van het forum gaan akkoord met de forumregels.

Feedback?