Dutch Patchwork Challenge 2024

Op 1 januari 2024 is de Dutch Patchwork Challenge (kortweg: DPWC) van start gegaan; een landelijke ‘competitie’ om het vogelen dicht bij huis te stimuleren en enthousiaste verhalen over ontdekkingen op je eigen ‘local patch’ met elkaar te delen. De DPWC daagt je uit om alles uit de kast te halen om op jouw local patch van maximaal 3 km2 in 2024 zoveel mogelijk vogelsoorten te zien en bijzondere ontdekkingen te doen.

Niet elk gebiedje heeft dezelfde potentie, maar ook het vinden van een lokaal goede soort, zoals een algemene zeevogel in het diepe binnenland, wordt beloond met bonuspunten. Aan het eind van het jaar zijn prijzen te winnen voor onder andere de beste ontdekking, de langste lijst, en het mooiste #patchgold.

Download dit bestand om het hele jaar je soorten en punten bij te houden.

Houd in dit gedeelde document je aantal soorten en score bij en deel je hoogtepunten en dien je aanvraag voor meer punten in bij CoA (Court of Appeal)

Via deze link kom je op de FAQ in onze vorige blogpost met het stappenplan en meer recente info en tips.

Blog Mei 2024

17 juni 2024  ·  Vincent Stork, Hein Prinsen, Vincent Hart, Martijn Renders, Maurice van Veen, Rob van Bemmelen & Ben Gaxiola  ·  1040 × bekeken

Blog Mei 2024

Hoewel veel landelijke die-hard twitchers tot eind mei weinig te doen hadden, was het bal op jullie local patches. De DPWC Whatsapp groep stond herhaaldelijk roodgloeiend met foto’s en waarnemingen om bij te watertanden, wat velen ertoe aangezet zal hebben om nog fanatieker alle uithoeken van de patch uit te kammen. Hieronder een samenvatting van de oogst. Wij zijn benieuwd of de doldrums in juni nog verrassingen in zullen opleveren.

Beste ontdekking van de maand mei: de Izabeltapuit in Wageningen

In deze rubriek zetten we graag het licht op de ontdekker(s) van landelijke knallers die zij hebben ontdekt op hun local patch. Reinoud Vermoolen deed goede zaken met het checken van een verdachte tapuit op zijn local patch. Vooralsnog geven we hem het voordeel van de twijfel of dit als ‘eigen ontdekking’ mag tellen; na de ontmaskering van de Zwartkoprietzanger in maart (zie rubriek Gemiste Kansen in de DPWC blog van maart), verdient Reinoud naar onze mening nu terecht een plek in deze eregalerij!

Patchplatinum op de Wabopo

De patch

Ik vogel al meer dan 25 jaar in de Wageningse Bovenpolder (Wabopo), waarvan de laatste 15 jaar echt fanatiek nadat ik ben verhuisd tot op 100 meter van de patch. Vrij uitzicht op de patch heb ik niet, maar ik kan binnen enkele minuten op de rand (Grebbedijk) van de patch staan.

De patch bestaat uit een uiterwaard met moerasbos, ruigte en grasland en een nevengeul. Er is een hoger deel aanwezig dat als hoogwatervluchtplaats (HVP) dient voor de grote grazers in het gebied (paarden en koeien). Lagere delen kunnen nu, sinds het peil hoger is gezet, tot in de zomer onder water blijven staan. Ik gebruik de patch om te struinen, niet om (ook) te trektellen. Dit jaar met deelname aan de DPWC wil ik hier geen uitzondering op maken. De stappenteller laat dit ook niet toe.

De haas

Ondanks dat ik niet trektel, wat mij natuurlijk een hoop soorten kost, heb ik wel een andere troef; enkele fanatieke medevogelaars op de patch. Peter de Vries woont ten oosten van mij direct aan de patch en heeft hier een fantastisch uitzicht op. Op zijn huislijst prijken jaloers makende soorten, waaronder dit jaar een groepje langs vliegende Zwarte Ibissen. Daarnaast bestiert Marc Heetkamp de patch. Na een ontmoeting met hem bij de stadse Patrijs, halverwege april, had ik hoop dat hij de competitie met mij binnen de patch nog zou aanzwengelen, maar daarvoor is hij helaas toch te vaak afwezig.

Hierdoor is mijn grootste troef Raoul Beunen, de ideale ‘haas’ omdat hij niet aan de DPWC deelneemt. We doen samen een BMP in een deel van de Wabopo en hij struint nog meer dan ik door de patch. Zijn aanwezigheid en waarnemingen zorgen ervoor dat ik niet te veel verslap en ik kan ook mooi aanschuiven bij zijn ontdekkingen. De aanwezigheid van zo’n haas zet natuurlijk wel enige druk op het eigen scorende vermogen, waardoor de categorieën ‘Gemiste Kans’ en ‘Soort van de Maand’ stevig tegen elkaar aan komen te liggen…

De 9e mei

De meimaand begon pover; de 1e wist ik nog een groep Regenwulpen en een Bosrietzanger te scoren, maar de volgende dagen leverden ondanks fanatiek struinen niets op. De aandacht verslapte daarna en zo begon de 9e mei (Hemelvaartsdag) ook met uitslapen. Een appje van Raoul dat ie een Grauwe Vliegenvanger had, maakte dat ik toch het bed uitkroop en slaapdronken naar buiten stiefelde. Op de plek trof ik geen vlieg meer aan en ik liep naar een andere geschikte plek om een eventueel struiktrekkend exemplaar te onderscheppen. Onderweg appte Raoul onderstaande foto met als onderschrift: “Nog een bleek grijze tapuit, maar lijkt me wel gewone…”

Izabeltapuit zoals Reinoud hem binnenkreeg, Wageningse Bovenpolder (Raoul Beunen)
Izabeltapuit, Wageningse Bovenpolder (Alex Bos)

Na een korte blik was ik opeens klaarwakker: “Holy Sh*t!!”. Daarna appte Raoul de locatie met: “En Spotvogel”. Ik berichtte kort terug met ‘Kom er aan’ en ik was reeds in een stevige draf (achter de feiten aan) naar de aangegeven locatie op de HVP van de grazers. Raoul stond daar rustig te wachten en te luisteren naar de Spotvogel. Buiten adem vroeg ik waar de tapuit was. Die was zoek; een hond en zijn baasje had deze rap doen vervliegen. Ik gaf aan dat de tapuit het meest leek op een Izabeltapuit en we deze moesten terugvinden. Aangezien Raoul in de richting van de weggevlogen tapuit was gelopen en we hem hier verder niet terug konden vinden, liepen we naar de plek van de ontdekking. Hier omheen zijn meerdere grazige weitjes. Al gauw na aankomst zag ik de vogel rustig foeragerend op het meest oostelijke weitje: Het was er echt één!! Raoul begon gelijk foto’s te maken en het verzet tegen en ‘downplayen’ van de ID werd bij hem gestaakt nu de vogel zich fantastisch liet zien. Raoul had het weer geflikt om een knaller te ontdekken in de Wabopo (na een twitchbare Poelsnip in 2021). De Izabeltapuit bleef voorbeeldig op hetzelfde weitje foerageren en is de gehele dag nog bezocht. Het betreft het tweede voorjaarsgeval ooit in NL en een soort die we, gezien het voorhanden zijnde biotoop, niet direct op de radar hadden staan voor de Wabopo…

De overweging

Tja, wat is dit nu, een Gemiste Kans of Soort van de Maand? Om een vlucht naar voren te nemen (en de Court of Appeal vooralsnog te omzeilen): Ik heb een actieve bijdrage geleverd aan de determinatie (en het terugvinden) van de vogel en zou daardoor, volgens oude regels, de vogel als ‘zelfontdekt’ mogen beschouwen. Of mijn bijdrage doorslaggevend is geweest, is met bovenstaande foto onderuit te halen. De adrenalinekick is natuurlijk ook een stuk lager dan bij een echte zelfontdek. Maakt dat de druk om zelf een (voor mij) nieuwe patchsoort te vinden dit jaar, een doel dat ik mezelf met deze challenge gesteld heb, nog steeds staat. Gelukkig zijn we nog niet eens halverwege het jaar en heb ik dus nog even.

#Patchgold

Mei is voor veel patchers toch wel de hoogmis van het vogeljaar. Veel trek is al wel achter de rug, maar de krenten zijn er niet minder om, zeker bij aanhoudende oostenwind. Nu was het weer in de afgelopen meimaand nogal veranderlijk, maar met genoeg goede dagen en daar plukten veel van jullie patchgolddiggers de vruchten van. Hieronder volgt een korte selectie uit alle blingbling die jullie in de appgroep en via het formulier met ons en elkaar deelden.

Er waren dagen dat de Bijeneters, Wielewalen, Visarenden, Grauwe en Steppekiekendieven en Roodpootvalken, Reuzensterns, Lachsterns en Witvleugelsterns jullie om de oren vlogen, maar laten we wel wezen; het is wel een vette kick als je een van deze prachtsoorten tijdens je rondje op je patch ziet. En er was meer, veel meer.

Wat te denken van de Dwergarend die op 28 mei over het Westduinpark bij Den Haag vloog. Een hele dikke rammer, maar al aangekondigd vanaf de Maasvlakte (zie hieronder).

Ken Kraaijeveld was nog niet uitgevogeld na zijn geweldige aprilmaand en vond de eerste Iberische Tjiftjaf voor Goeree ooit. Jaap Oosterhuis kwam op 22 mei met een Krekelzanger thuis van zijn patch bij het Zwarte Water. Jeroen Breidenbach had zijn oren goed scherp afgesteld en vond op zijn patch in Leeuwarden naast een Kwartel een zingende Kleine Vliegenvanger. Sander Lilipaly kon de Orpheusspotvogel die Lenn van der Zande op zijn patch vond natuurlijk niet laten lopen.

Bij Zuidlaren wist Patrick Snoeken een Amerikaanse Wintertaling aan de jaarlijst toe te voegen. De vogel werd hier helaas wel al de avond tevoren gemeld. Ook fraai en wel zelf ontdekt waren de 2 Witwangsterns langs de Arkemheense Zeedijk door Robin Drenth.

Er werden zeker twee Hoppen gemeld, eentje op Texel en eentje bij Heemskerk. De eerste een smerige twitch door Koen Stork vanaf zijn bunker op Loodsmansduin, de andere een nette zelfontdek door Danny Bregman.

Mooie ochtenden en avonden leverden op een aantal patches heerlijke waarnemingen op van zingende Grote Karekieten en Bosrietzangers, snorrende Nachtzwaluwen, druppelende Porseleinhoenders en Ivo Walsmit kon zelfs een Woudaap bijschrijven op zijn Merenpatch in Leiden, terwijl Johan Roeland er een Kwak bij Zalk uitpeuterde. Ook Henk Hendriks, die ons in het vorige blog introduceerde op zijn patch, mocht in mei een Kwak bijschrijven, net als Robin Drent.

Als laatste willen we jullie natuurlijk de grap van Eddy Nieuwstraten niet onthouden die na een appje van onze eigen Vincent Hart over het feit dat hij éindelijk een Roek op zijn patch had terugappte “Brien: birding under the Rook from Rotterdam”.

Daarmee breien we er een eind aan, want het brede scala aan leuke soorten op jullie patches was uitmuntend. In juni sukkelen we vaak langzaam de zomer in, maar het najaar is nu na 15 juni eigenlijk alweer begonnen, dus tot gauw!

Gemiste kans

De mannen uit Den Haag hadden het misschien liever anders gezien op de 28ste; een heuse Dwergarend over het Westduinpark, maar geen zelfontdek. Deze vogel werd om 12:30 uur opgemerkt op de Maasvlakte door Guus Jenniskens en Guido Spek. Voor Gerjon Gelling een teken om net niet binnen de vastgestelde maximum snelheid naar zijn patch te scheuren. Daarmee riskeert hij wel enige puntenaftrek, maar verder is het hem vergeven. Vincent van der Spek moest het doen met een waarneming vanuit zijn huis van de vogel boven zijn patch. Telt toch mee (wie die regel bedacht heeft....). Het had natuurlijk nog veel mooier gekund, dus wat ons betreft de gemiste kans van de maand!

Court of Appeal besluiten

Bescheidenheid siert de mens. Zo ook de Nederlandse deelnemers aan de DPWC2024. Waar we vorig jaar via de Britse CoA nog wel eens het idee kregen dat dit onderdeel best wat werk op zou kunnen opleveren bleek niets minder waar. Het is af en toe eens een mailtje waarin een puntje extra gevraagd wordt. Tot nu toe loont het wel want ruim 60% van de aanvragen (35 totaal in 2024) is goedgekeurd. In mei zijn twee binnenlandse waarnemingen van zeevogels goedgekeurd. Uiteraard de Lek volgende Drieteenmeeuw en ook een Jan-van-Gent in Twijzelermieden onder Buitenpost in Friesland is een categorie opgewaardeerd. Aanvragen voor meer punten voor Wielewaal, Velduil en Bijeneter zijn echter afgewezen. Deze specifieke soorten zijn misschien nog niet vaak in een bepaalde patch waargenomen, de kans van waarnemen is met een beetje inspanning wel degelijk aanwezig. Ook waren deze soorten al vaker waargenomen in de regio. Heb je het idee dat jouw #patchgold eigenlijk meer punten waard is, stuur dan je aanvraag in de vorm van een mailtje naar pwc@dutchbirding.nl en vergeet niet een goede onderbouwing mee te sturen.

DPWC Ranking (stand 10 juni)

In onderstaande overzicht is per provincie de ranking weergegeven van de deelnemers die de moeite hebben genomen om, naast het aantal soorten, ook het aantal ontdekpunten aan ons door te geven via het gedeelde scoreformulier. Gerjon Gelling is inmiddels de grens van 200 soorten in zijn local patch gepasseerd en staat nog steeds superieur aan kop van het landelijk klassement. Hij is daarmee de eerste van de 21 deelnemers die aan het begin van het jaar 200 of meer soorten als jaardoel hadden gesteld. Met de zomer voor de boeg, zullen de andere deelnemers misschien nog een paar maanden moeten wachten voordat zij ook zover zijn. Opvallend is dat van de 343 deelnemers die tot nu toe 50 of meer soorten in hun patch hebben waargenomen, al meer dan 49 deelnemers hun zelf gestelde jaardoel nu al hebben bereikt. Deze deelnemers mogen volgend jaar dus de lat voor zichzelf een stuk hoger leggen. Op de Bioblitz pagina van de DPWC kun je dit soort weetjes, de meest recente stand in de ranking en de voortgang per individuele patch nog eens rustig bestuderen.

Provincie Patch Waarnemer Aantal soorten Aantal punten
Zuid-Holland Westduinpark eo Den Haag Gerjon Gelling 206 369
Havenhoofd, Goeree Ken Kraaijeveld 190 298
Noordduinen, Noordwijk Ezra Mandemaker 191 294
Aalkeetbuitenpld e.o., Vlaardingen Sander van Vliet 172 260
Westduinpark en Scheveningen Vincent van der Spek 175 257
Noord-Holland Noord-Holland duinreservaat, Castricum Hans Groot 183 294
‘t Horntje, Texel Vincent Stork 175 272
IJmuiden aan Zee Dick Groenendijk 170 264
Geulduinen-Grote Vlak, Texel Koen Stork 154 229
Amsterdam - Zuidoost Tohar Tal 160 220
Zeeland Westkapelle Sander Lilipaly 183 309
Land of hope and dreams, Vlissingen Rob Sponselee 142 198
Inkelse Bos, Kruiningen Jeroen van Kruiningen 88 103
Terneuzen Jaco Walhout 68 77
Gelderland Arkemheense zeedijk Robin Drenth 174 268
Wageningse Bovenpolder Reinoud Vermoolen 140 218
Blauwe Kamer, Rhenen Niels Gilissen 145 201
Grindgat Weurt - Beuningen Eddy Nieuwstraten 138 182
Oude Waal - Bisonbaai, Ooijpolder Kayo de Gruijter 124 166
Utrecht De Horde, Lopik Arjan Boele 165 248
Hoogekampse Plas + Beukenburg, De Bilt Hein Prinsen 142 189
Elster Buitenwaard, Elst Gydo Koster 136 187
Haarzuilens e.o., Vleuten Guido Spek 119 157
Woerden, Plas Breeveld Paul van Agthoven 117 156
Overijssel Zalk en uiterwaarden, Kampen Johan Roeland 155 233
Hasselt dorp e.o. Jaap Oosterhuis 140 198
Schellerwaard, Zwolle David Uit de Weerd 139 189
De Maat e.o., Nieuwleusen Bart Kisteman 131 177
Stadshagen, Zwolle Pieter Doornbos 131 171
Drenthe Tusschenwater/Laarwoud, Zuidlaren Patrick Snoeken 159 232
De Onlanden, Eelderwolde Folkert Jan Hoogstra 128 191
Landgoederen Eelde, Paterswolde Erik Helder 133 168
Zandgat de Boer e.o., Emmen Danny Katerbarg 68 80
Asserbos, Assen Gerbrand van der Weg 52 58
Friesland Potmarge e.o., Leeuwarden Jeroen Breidenbach 142 228
Beetsterzwaag Willem Bosma 158 212
Grote Wielen, Tytsjerk Vincent Douwes 141 197
Schiermonnikoog West Jesse Sinnema 133 185
Stienser bos en Wiede Mar Lisette Cuperus 121 157
Flevoland Nijkerkernauw-Oost, Nijkerk Bernd de Bruijn 149 211
Roggebotzand, Vossemeersedijk Jeroen Postema 139 182
Noord-Brabant De Rul, Geldrop/Heeze Henk Hendriks 141 190
HardenHoek, Biesbosch Martijn Renders 131 174
Kampdijk, Vught Ruud van Dongen 124 154
Peelrand, Uden Glenn van den Akker 109 150
Bossche Broek, 's Hertogenbosch Albert Vrielink 107 133
Limburg Ooijen, Broekhuizenvorst Bjorn Alards 116 ??
Groote Peel Frank Meeuwissen 108 ??
Groningen Groot Kamp/Ellersinghuizerveld, Vlagtwedde Rik Wever 93 119
Helperdiepje, Groningen-stad Siska Westra 67 74

DPWC Verhalen uit het veld

We krijgen geregeld mooie verhalen uit het veld toegestuurd naar pwc@dutchbirding.nl. Die hoeven echt niet doorspekt te zijn met de meest vette en bijzondere waarnemingen, maar de verwondering wat er allemaal mogelijk is op 3 km2 kan er wel uit spreken. Deze maand twee enthousiaste verhalen over een adult Drieteenmeeuw, die in het binnenland heel wat local patchers blij wist te maken! Ezra Mandemakers presenteert in zijn blog weer een sprankelend maandoverzicht van zijn patch in de Noordduinen bij Noordwijk.

Drieteenmeeuw van De Horde tot Brien! (Arjan Boele)

Een regenfront over het zuiden van Nederland in de vroege ochtend van 7 mei deed mij nog even twijfelen of ik zou gaan trektellen. Rond die datum is het op een telpost in het midden van het land eigenlijk altijd al ‘taai’ maar ja, het is wel mei en er kan van alles. Zo had ik bijvoorbeeld nog steeds geen Dwergmeeuw en ook geen Noordse Kwikstaart en dat zijn toch soorten die niet mogen ontbreken op de telpost- en #DPWC2024 lijsten. Net na 6 uur kwam ik op de telpost aan. Na ruim een uur tellen passeerde inderdaad op korte afstand een fraaie man Noordse Kwikstaart waarmee de telling al geslaagd was. Maar om 07:25 uur werd het nog veel leuker. Ongeveer een kilometer ten WZW van de post pikte ik met de kijker vrij hoog boven de Lek een kleinere meeuw op die van me af vloog en die ik niet vertrouwde zodat ik hem direct in de telescoop nam. Toen de meeuw één keer draaide en kantelde viel de opvallende ‘tweekleurige bovenvleugel’ op (lichtere hand en donkerder arm) en ik kon ook net de geheel zwarte vleugelpunt zien. Een adulte Drieteenmeeuw op 7 mei boven de Lek! Enkele seconden later kon ik foto’s maken. Nou ja foto’s, het zijn echt maar net genoeg pixels om de soort te herkennen. Omdat de meeuw snel van me afvloog besloot ik nog een keer door de telescoop te kijken maar veel was er al niet meer te zien. De vogel volgde keurig de Lek dus ik stuurde direct een berichtje in een aantal app-groepen (Alblasserwaard, Krimpenerwaard, Utrecht, Dutch PWC) en dat bleek nuttig want de vogel werd op verschillende plekken boven de Lek onderschept en daar ook vele malen beter gefotografeerd! Gijsbert Mourik zag de vogel als eerste boven de Lek in Bergambacht (07:49u). Het werd nog even spannend omdat hij de vogel ‘landinwaarts’ zag vliegen, maar de meeuw vloog terug naar de Lek en werd ook gezien vanaf Lekkerkerk (07:58u), Kinderdijk (08:02u) en Ridderkerk (08:05u). Om 08:14 uur en ca. 36 km stroomafwaarts van De Horde was het Vincent Hart die de vogel als laatste in beeld kreeg vanaf zijn local patch ‘Brien’ op het Eiland van Brienenoord in Rotterdam. Tot zijn verbazing keerde de vogel net voor het eiland weer om. De meeuw passeerde op deze route zes patches (De Horde, De Hoeksche Sluis-Lekkerkerk, Kinderdijk, Ridderkerk, De Zaag-Krimpenerwaard en Brien) maar niet iedere patch was bezet. Hoewel de telling door alle appjes wel werd verstoord kon ik een uurtje na de meeuw nog wel mijn tweede Reuzenstern van het seizoen opschrijven. De volledige telling is terug te lezen op trektellen.nl.

Drieteenmeeuw, Lekkerkerk (Jonathan van Erkel)

De Drieteenmeeuw was pas mijn tweede voor de telpost in ongeveer 11.000 teluren (vanaf 1997) en dus een behoorlijke knaller. Mijn eerste was een 2kj-vogel tijdens een NW-storm op 6 januari 2012. Het was ook pas de vierde ooit voor de telpost en de eerste adulte vogel. De soort is zeldzaam in de provincie Utrecht met in deze eeuw, voor zover ik kan achterhalen, twee vondsten (één dood, één levend opgeraapt) en negen veldwaarnemingen (solitaire vogels). Opvallend is dat alle (!) waarnemingen op telposten waren: vier keer over De Horde, twee keer over Heidestein-Zeist, één keer over Kwintelooijen-Veenendaal, één keer boven de provincie Utrecht vanaf telpost Redichemse Waard-Culemborg en één keer vanaf telpost Blauwe Kamer (in Gelderland maar deze vogel vloog waarschijnlijk ook boven Utrecht). De vogels passeerden in januari (1), april (2), mei (1), oktober (2) en november (3).

Brienteenmeeuw! (Vincent Hart)

Op 7 mei stond ik op Brien op de ‘trektelpost’ – een plek met relatief goed uitzicht, direct west van de Brienenoordbrug in Rotterdam. Op een groepje Regenwulpen (4) en Boerenzwaluwen (3) na was van trek niets te merken, maar de omstandigheden leken goed dus ik bleef nog even staan. Om 7:39 uur kwam vanuit het niets, vanaf het bekende zeetrektelpunt De Horde bij Lopik (eerste Bruine Gent van Nederland), een appje van Arjan Boele in de ‘Dutch PWC 2024’ appgroep: Drieteenmeeuw ZW! Al vrij snel bleek de vogel de Lek stroomafwaarts te (blijven) volgen, dat was richting Brien! De beste plek om hem op te pikken leek de oostpunt van Brien, net aan de andere kant van de Brienenoordbrug. Ik ging rustig die kant op. Toen de vogel ter hoogte van Kinderdijk rechtdoor de Nieuwe Maas op vloog, in plaats van linksaf de Noord op, werd het echt spannend! Ik bleef scannen, ook alert op de mogelijkheid dat de vogel rechtsom zou buigen en de Hollandsche IJssel op zou vliegen, ongeveer een kilometer van waar ik stond. Het tijdstip waarop ik de vogel verwachtte verstreek... Toen plots, nog ver, een meeuw met klassieke ‘in inkt gedoopte’, zwarte vleugelpunten in mijn richting vloog! In een reflex begon ik meteen foto’s te maken. Gelukkig maar, want op nog steeds gepaste afstand leek iets aan het uitzicht de meeuw niet te bevallen en hij maakte rechtsomkeert. Ik liet de vogel los om mijn (bagger)plaatjes te checken – leek er goed uit te zien maar maakte ik mezelf toch niet gek met een Stormmeeuw? Toen ik opkeek, kon ik de vogel al niet meer vinden. Mijn vogelmatties bevestigden dat op mijn aan hen doorgestuurde BoCjes inderdaad een Drieteenmeeuw stond (Brienlijst #138, #dpwc2024 #104). Ik deelde mijn waarneming in de lokale appgroep, in de hoop dat de fanatieke IJsselmondelijsters die de vogel op de ‘heenweg’ gemist hadden een nieuwe kans kregen. Maar helaas is de vogel na mijn waarneming nergens meer opgepikt.

Vincent Stork, Hein Prinsen, Vincent Hart, Martijn Renders, Maurice van Veen, Rob van Bemmelen & Ben Gaxiola

Discussie

Gebruikers van het forum gaan akkoord met de forumregels.

Feedback?