Dutch Birding

DB Terugblik mei 2026

5 juni 2026  ·  Wim Wiegant & Eduard Sangster  ·  1714 × bekeken

Mei 2026 was lekker warm, met een tropisch einde. Dat leverde warme soorten als Bijeneters en Scharrelaar op, en heel veel warme roofvogels. Laten we een en ander maar eens rustig en koel gaan doornemen…

Hoogtepunten

Witkeelgors

Het hoogtepunt van de maand was de Witkeelgors die slechts door één waarneemster werd gezien op een vakantiepark in Scharendijke (Zld). Helaas was de vogel de volgende dag verdwenen.

Witkeelgors Zonotrichia albicollis, Scharendijke (Zld), 22 mei (Nicole Hambach)
Witkeelgors Zonotrichia albicollis, Scharendijke (Zld), 22 mei (Nicole Hambach)

Havikarend en Arendbuizerd

Er zijn maar twee soorten op de Nederlandse lijst die naar twee verschillende taxa zijn vernoemd, en dat zijn twee roofvogels, de Arendbuizerd en de Havikarend. De Roodborsttapuit hoort hier natuurlijk niet bij; die is naar de kleur van de borst vernoemd, niet naar de soort met hetzelfde kenmerk. De Giervalk hoort er ook niet bij, want het woord "gier" verwijst in Giervalk niét naar een vogel. Van de twee genoemde roofvogels werden respectievelijk het elfde en het twaalfde geval voor Nederland in deze maand vastgesteld. De elfde Havikarend van ons land werd gezien en gefotografeerd in de Brabantse Biesbosch (NB) op 9 mei, en de twaalfde Arendbuizerd werd op 28 en 29 mei gezien bij Oentsjerk (Fr).

Havikarend Aquila fasciata, Brabantse Biesbosch (NB), 9 mei (Harm Blom)

Lammergier

Aan de Lammergier kan deze rubriek wel een aparte editie wijden: het Lammergier-Journaal. Er waren vogels op 1 en 2 mei, van 26 tot 30 mei langs de Nederlandse kust van Rotterdam tot Schiermonnikoog. Deze vogel, die niet was geringd of gemerkt, deed weer veel discussie losbarsten over de vraag of de vogel als "wild" zou kunnen worden aangemerkt. Op 25 mei bracht een geherintroduceerde vogel een kort bezoek aan Limburg, waar de vogel niet werd gezien. Een andere (!) gezenderde boven Maastricht (L) op 29 mei werd ook verder door niemand waargenomen.

Lammergier Gypaetus barbatus, Grote Keeten (NH), 28 mei (Arnoud van den Berg)

Vale Gier

Op 25 mei deed een sensationele groep van 53 Vale Gieren Tilburg aan, om zich vervolgens op te splitsen en weer aaneen te sluiten na een reisje over Gelderland en Utrecht, en wel bij Amersfoort (U). Gek genoeg waren de vogels heel snel weer weg, en bleven nog wat enkelingen achter. Op 30 mei werd de laatste gezien, bij Almere (Fl).

Vale Gier Gyps fulvus, Baarn (U), 25 mei (Marten Miske)

Overzicht

Eendachtigen

In nog 25 uurhokken werden Witbuikrotganzen gezien, allemaal - op drie na - in de directe omgeving van de Waddenzee. De betreffende drie waren langsvliegers langs de kust van Noord-Holland. Hetzelfde gold voor de Zwarte Rotgans: 25 uurhokken, en in dit geval twee uurhokken niét aan de Waddenzee. Van de betreffende twee was er één in de buurt van Westenschouwen (Zld). In ongeveer tien uurhokken werden nog Roodhalsganzen gezien, als we de al-te-suspecte niet meetellen. Ongeveer vijf Sneeuwganzen - als altijd van duistere komaf - werden vastgesteld, en ook nog eens drie Ross' Ganzen, waarover we helaas verder niet zoveel te melden hebben. Kleine Toppers waren er natuurlijk ook nog. De vogel van Wageningen bleef tot bevrijdingsdag 5 mei, wanneer het altijd erg lawaaiig is in Wageningen. Vanaf 13 tot 27 mei was er een vogel aanwezig bij de Kamperzeedijk (Ovl) en daar in de buurt, die op 20 mei de andere kant van het water, in Flevoland, aandeed. Vanaf 18 mei tot het einde van de maand was er weer een mannetje aanwezig op het Vogelmeer in het Nationaal Park Zuid-Kennemerland (NH).

Kleine Topper Aythya affinis, Kamperzeedijk (Ovl), 24 mei (Eric Menkveld)

Het wijfje Blauwvleugeltaling dat op 11 april werd ontdekt bij Waal en Burg op Texel (NH), werd vanaf 24 april gezien in Schettersweid, enkele kilometers westelijker op hetzelfde eiland. De vogel bleef daar te zien tot 20 mei. Het mannetje dat op 24 april in het Lauwersmeer (Gr) werd ontdekt, bleef nog aanwezig tot 25 mei. Op 1 mei werd nog een mannetje Siberische Taling gezien in de Groene Jonker bij Zevenhoven (ZH), en van 6 tot 17 mei was er een te zien in de Oostvaardersplassen (Fl). De Bronskopeend van de Nieuwe Waterweg (ZH) die daar al enige winters verblijft, verhuisde weer naar de Nieuwe Driemanspolder (ZH), waar de vogel van 2 tot 9 mei te zien was.

Kraanvogels en aalscholvers

Ralreigers waren te zien in het Stinkgat bij Oud-Vossemeer (Zld) van 13 tot 16 mei, in de Weerribben (Ovl) op 17 mei, bij Coevorden (Dr) op 22 mei, op verschillende plekken op Texel (NH) van 23 tot 25 mei, en ten slotte bij Brakel (Gld) op 30 mei.

Ralreiger Ardeola ralloides, Stinkgat (Zld), 16 mei (Hans Overduin)

Op 1 mei was het dan zover: het afscheid van de Dwergaalscholver van het Natuurpark Lelystad (Fl). Na een verblijf van exact 500 dagen vond de vogel zijn zelfgekozen eenzaamheid kennelijk genoeg geweest. In de maand mei was er wel nog een andere vogel te zien, en wel op het Beuven op de Strabrechtse Hei (NB), vanaf 23 tot 30 mei.

Waders en wadertjes

Grielen werden gehoord over Meijendel (ZH) op 1 mei, gezien en gehoord bij het zweefvliegveld in het Noordhollands Duinreservaat (NH), gezien op Ameland (Fr) op 22 mei, gehoord bij Heiloo (NH) op 24 mei en gehoord en gezien bij Klein Welsden (L) op 26 mei. Maar liefst drie Amerikaanse Goudplevieren werden gezien in de Lauwersmeer-regio, een tweede-kalenderjaar vogel in de Bantpolder (Fr) van 6 tot 19 mei, een vogel in onduidelijk kleed in de Paezemerlannen op 16 mei, en een volledige adult zomerkleed-vogel bij Hornhuizen (Gr) op 14 en 15 mei. Daarbuiten was er nog een overvlieger - jawel - in de Emmapolder (Gr) op 10 mei en werd nog een exemplaar gezien in de Kwade Hoek (ZH) van 14 tot 18 mei. Morinelplevieren werden vroeger vooral in de Flevopolders gezien. Dat is al lang niet meer het geval. De meerderheid, ongeveer 50 tot 100 vogels, wordt tegenwoordig gezien in de omgeving van het Lauwersmeer, maar ook op andere plaatsen aan de Friese en Groninger waddenkust. In de buurt van Den Oever en op de Waddeneilanden worden ook wel exemplaren gezien. Verder worden er natuurlijk in Zeeland ook wel wat vogels gezien, vooral langs Breskens en op Walcheren. Buiten deze locaties is het altijd een relatieve zeldzaamheid. De grootste groep deze maand was er een van 40 in de Anjumer en Lioessenserpolder (Fr). Een zeer gezond aantal Breedbekstrandlopers werd in mei waargenomen, vooral door fanatieke strandloperzoekers. Op een vogel in de Nieuwe Driemanspolder (ZH) na, was het vooral rond de Waddenzee te doen, aan de oostkust van Texel (NH), bij Den Oever (NH), langs de Friese waddenkust, en in de Dollard (Gr). In totaal ging het om naar schatting 14 tot 17 vogels.

Breedbekstrandloper Calidris falcinellus, Waddenzee bij Utopia, Texel (NH), 14 mei (Arnoud van den Berg)

De Nieuwe Driemanspolder deed zijn naam als zeldzaamhedenmagneet weer eens eer aan door een bezoek van een Terekruiter van 16 tot 22 mei. De vogel was zeer populair, getuige de meer dan 600 doorgegeven meldingen op waarneming.nl.

Terekruiter Xenus cinereus, Nieuwe Driemanspolder (ZH), 20 mei (Nol Baarschers)

Op 22 mei werd er weer een gemeld, in de Kwade Hoek op Goeree (ZH), maar deze werd door slechts twee waarnemers gezien. Op 9 mei werd de eerste Poelsnip van het jaar gezien door een enkele waarnemer tijdens een inventarisatie in Zuidoosterpolder bij Minnertsga (Fr). Twee andere vogels lieten zich buitengewoon goed zien: op 10 mei was een mannetje regelmatig aan het baltsen op het Renvogelveld op Texel (NH), en van 15 tot 18 mei was er een te zien in de Sophiapolder bij Westdorpe (Zld). Tussendoor werd er nog eentje bij Jukwerd (Gr) gezien op 11 en 12 mei, en bij Ryptsjerk (FR) op 12 mei.

Poelsnip Gallinago media, Sophiapolder (Zld), 16 mei (Ludo van Dorst)

Zeekoeten tot en met meeuwen

Een tweedejaars Kleine Burgemeester hield het nog lang vol: tot 22 mei werd er een gezien in en bij Camperduin (NH) en op 29 mei vloog er een langs Den Helder (NH).

Kleine Burgemeester Larus glaucoides, Hondsbossche Zeewering (NH), 8 mei (Timo Marijnissen)

Verrassend was de ontdekking van een zeer late tweedejaars Grote Burgemeester, rustend op een akker vlakbij Pietersbierum (Fr), op 31 mei. Witvleugelsterns zijn meestal niet zo zeldzaam, maar ze zijn zo leuk om te zien! In 15 uurhokken werden ze weer gezien, die allemaal niet in Drenthe, Overijssel, Flevoland, Gelderland en Zeeland lagen.

Witvleugelstern Chlidonias leucoptera, Reeuwijkse Plassen (ZH), 8 mei (Bas van den Boogaard)

Op 6 mei werd een - zoals gebruikelijk - gekleurringde Dougalls Stern gezien in het Wagejot op Texel (NH), en op het Noordervroon bij Westkapelle werd er op 16 mei een gezien.

Roofvogels en uilen

In een rustgevende 18 uurhokken werden Grijze Wouwen gezien, en die waren ongeveer gelijkelijk verdeeld over het land, behalve dat Noord-Holland het zonder de soort moest doen. Gek genoeg werd op 18 mei de laatste van de maand gezien. Lammergieren doen Nederland sinds ongeveer 1997 regelmatig aan. In deze maand mei werd een vogel gezien op 1 mei boven Nummer Een (Zld) en op 2 mei boven Bergambacht (ZH). Van 26 tot 30 mei begon een vogel een riskante trip langs een groot aantal Nederlandse steden en dorpen. De vogel verscheen eerst boven Scheveningen, Den Haag en Voorburg, om daarna de nacht door te brengen in het Kralingse Bos, Rotterdam. De volgende dag waren de ambities hoger, en werden na het vertrek uit Rotterdam achtereenvolgens Bergschenhoek, Bleiswijk, Zoetermeer, Wilsveen, Leidschendam, Leiden, Katwijk, Noordwijk, de Amsterdamse Waterleidingduinen (ZH) en vervolgens Zuid-Kennemerland, IJmuiden, Castricum, en Schoorl (NH) aangedaan. De volgende dag ging de reis verder, van Schoorl via het Zwanenwater, Den Helder en Texel (NH) naar Vlieland, Terschelling, Ameland en Schiermonnikoog (Fr). De reis eindigde de volgende dag op Ameland, waar de uitgeputte vogel werd gevangen en vervolgens naar een opvang aan de vaste wal werd gebracht. Hoewel de bovenbeschreven groep van 53 Vale Gieren bij Tilburg (NB) werd ontdekt, waren de waarnemingen van Vale Gieren vooral rond de Utrechtse Heuvelrug en iets ten oosten ervan. In 25 uurhokken werden vogels gezien, waarvan er 17 rond Utrecht en Amersfoort waren gelegen. Buiten Tilburg werden de vogels in Noord-Brabant niet gezien. Een Schreeuw- of Bastaardarend werd aardig gefotografeerd bij het Zwarte Meer (Ovl) op 9 mei. De identiteit kon helaas niet met zekerheid worden vastgesteld. De lichte Dwergarend, de vogel met de gekmakende zwarte stippels op de witte ondervleugeldekveren, de droom van iedere zeldzaamhedenzoeker, werd maar héél even gezien op 10 mei in de Vreugderijkerswaard bij Zwolle (Ovl). De stippels zijn op onderstaande foto overigens niet te zien. 

Dwergarend Aquila pennata, Zwolle (Ovl), 10 mei (Marwin Baljé)

Op 9 mei vloog een Havikarend over de Brabantse Biesbosch (NB), De verbouwereerde waarnemer, die juist een groep aan het rondleiden was, kon nog juist een paar foto's van de vogel maken, bij aanvaarding de elfde van Nederland, die eerder op de dag ook al in België was gezien. In de late middag van 29 mei werd een Arendbuizerd ontdekt in de Wynzerpolder bij Oentsjerk, een eindje ten noordoosten van Leeuwarden (Fr). De vogel werd ook de volgende dag nog gezien, en later op dezelfde dag ook nog na enige verplaatsing. Het betrof pas het twaalfde geval voor ons land.

Arendbuizerd Buteo rufinus, Wynzerpolder (Fr), 29 mei (Sebastiaan Koppelle)

Begin juni werd duidelijk dat er al vanaf 21 mei een Dwergooruil aanwezig was op een niet nader te noemen locatie in Noord-Brabant. Daar komen we in het volgende maandoverzicht nog wel op terug.

Bijeneters en Scharrelaars

In niet minder dan 151 uurhokken werden Bijeneters vastgesteld in deze maand mei. Daarbij hoorde een groep van maar liefst 29 vogels, bij Woltersum, bij Ten Boer (Gr), op 2 mei. De verdeling van de waarnemingen had een hogere dichtheid aan de gehele kustlijn, maar het gehele binnenland was ook goed vertegenwoordigd.

Bijeneter Merops apiaster, Oostkapelle (Zld), 16 mei (Jaap van der Meer)

De Scharrelaar, daarvan nemen de aantallen niet zo spectaculair toe als die van de Bijeneter, Op 23 en 24 mei was er een aanwezig in de Amsterdamse Waterleidingduinen (ZH). Na een zeer laag aantal tussen 1995 en 2015, van ongeveer 0,2 gevallen per jaar, dus eentje per vijf jaar, is het aantal de laatste jaren toegenomen tot ongeveer 0,7 geval per jaar, dus ongeveer twee gevallen per drie jaar.

Scharrelaar Coracias garrulus, Amsterdamse Waterleidingduinen (ZH), 23 mei (Ron Hassing)

Voor een fraaie vluchtfoto van deze soort hebben we natuurlijk altijd nog wel ruimte...!

Scharrelaar Coracias garrulus, Amsterdamse Waterleidingduinen (ZH), 23 mei (Rochus Dirven)

Zangvogels

Roodkopklauwieren deden het ook niet slecht, met vogels aan de Hondsbossche Zeewering (NH) op 1 mei, bij Vorden (Gld) op 3 mei, bij Bladel (NB) op 10 mei, in Rockanje (ZH) op 24 mei, in de Ezumakeeg (Fr) op 25 mei, en in Lentevreugd (ZH) op 31 mei. 1 mei was overduidelijk "Roodstuitzwaluw-dag" in Nederland: langs Breskens vlogen vijf exemplaren, op Texel werden er vier gezien, en daarbuiten vlogen nog enkelingen langs bij Houten (U) en op Rottumeroog (Gr). Op 2 mei werden er nog twee gezien, respectievelijk op Vlieland (Fr) en bij De Bilt (U). Met nog een vogel langs Breskens (Zld) op 9 mei was de koek weer op. Zingende Grauwe Fitissen werden vastgesteld op 24 mei op Schiermonnikoog (Fr), op 28 mei in Overvecht, Utrecht (U), en op 31 mei in de duinen van Zuid-Kennemerland (NH).

Grauwe Fitis Phylloscopus trochiloides, Utrecht (U), 28 mei (Nathaniël Bosch)

In 14 uurhokken werden Iberische Tjiftjaffen vastgesteld, en dat is tegenwoordig ook niet zo heel bijzonder. Een baardgrasmus van onduidelijk allooi - Moltoni's, Balkan- of Westelijke Baardgrasmus - werd zeer kort waargenomen bij de Maasmond op de Maasvlakte (ZH) op 22 mei. Een andere ondetermineerbare baardgrasmus werd tijdens een inventarisatieronde gevonden in Berkheide op 25 mei. De Krekelzanger, daar wordt je altijd blij van. Ze werden vrijwel uitsluitend in het noorden van het land gehoord en gezien. Het begon op 7 mei met een vogel in Acquoy (Gld), vlakbij Schoonrewoerd (U) – dat is dan weer niet echt noordelijk. Voor de overige gold dat wel: op 21 mei zat er een te zingen in de Lendevallei bij Weststellingwerf (Fr) en vanaf 22 mei in de Onlanden (Dr), vanaf 24 tot 28 mei in Zeijen (Dr) en vanaf 27 mei tot het einde van de maand in Hoogkerk (Gr), en tot slot van 26 tot 28 mei in Oosterschar (Fr).

Krekelzanger Locustella fluviatilis, Hoogkerk (Gr), 29 mei (Mark Schuurman)

Orpheusspotvogels lieten precies de omgekeerde trend zien. Van de 33 uurhokken waarin de soort werd vastgesteld lagen er slechts vier ten noorden van Amsterdam. De dichtheid was het hoogst - zoals gebruikelijk bij deze soort - in Zeeuws-Vlaanderen (Zld) en Limburg.

Orpheusspotvogel Hippolais ipolyglotta, Assen (Dr), 26 mei (Wim van Zwieten)

De hoogtijdagen van de Struikrietzanger, 2020 tot en met 2022, lijken weer een beetje voorbij. In 2020 waren er 32 gevallen, maar nu was er in mei slechts één geval, op De Robbenjager op Texel (NH). Nu maar hopen dat het in juni ietsjes bijtrekt. Met de Noordse Nachtegaal was het ook niet zo dik: vanaf 18 mei zat er een te zingen bij Garmerwolde in Groningen (Gr). Vanaf 27 mei zat er ook een in De Wieden (Ovl).

Noordse Nachtegaal Luscinia luscinia, Groningen (Gr), 22 mei (Mark Schuurman)

Kleine Vliegenvangers deden geen onverwachte dingen. Op 24 mei werd een zingend mannetje ontdekt in Oranjezon (Zld), maar die was een dag later alweer weg. Op 26 mei was er eentje aan het zingen in de Amsterdamse Waterleidingduinen (NH), en ook die had het na een dag alweer gezien. In de boswachterij Westerschouwen (Zld), die om niet-te-bevatten redenen - let op het verschil in spelling - in Westenschouwen is gelegen, zat er op 30 mei ook weer een.

Kleine Vliegenvanger Fidecula parva, Westenschouwen (Zld), 30 mei (Maarten Sluijter)

Een mannetje Citroenkwikstaart werd op 9 mei gezien en gefotografeerd in de Eemshaven (Gr). Op 10 mei werd er nog een gezien, en wel in het Noordervroon bij Westkapelle (Zld).

Citroenkwikstaart Motacilla citreola, Eemshaven (Gr), 9 mei (Sjoukje de Rooy)

De grootste verrassing van de maand was de ontdekking van een Witkeelgors op een vakantiepark in Scharendijke (Zld) op 22 mei. De vogel was ontdekt door een betrekkelijke leek, maar de plek bleek helaas ontoegankelijk. De volgende ochtend was de vogel jammer genoeg ook verdwenen. Gelukkig hebben we de - matige - foto's nog!

Inmiddels elders in de WP

Mei is altijd een drukke maand met zeldzaamheden in de WP. Ook dit jaar werden enkele mega’s gevonden, keerden sommigen bekenden terug en constateren we interessante patronen, of zijn het toevalligheden? Tot slot komt ook de Grote Amerikaanse Depressie aan de orde.

Britse Eilanden

Circa 820 km ten westen van Ierland werd op 23 mei een Amerikaanse Torenvalk (American Kestrel) gezien vanaf een Nederlands onderzoeksschip. De vogel rustte ’s middags op het schip en werd de volgende dag niet meer waargenomen.

Amerikaanse Torenvalk Falso sparverius, 820 km ten westen van Ierland, 24 mei, compilatiefoto (Karein van Bessum)

Op 29-30 mei werd de eerste Woestijnvink (Trumpeter Finch) voor Ierland gefotografeerd op Great Saltee Island. Vorig jaar keerde het mannetje Amerikaanse Dwergstern (Least Tern) op 17 mei voor de vijfde keer terug in zijn kolonie nabij Dublin, maar dit jaar is vooralsnog niets vernomen van deze entrepreneur. Het vrouwtje Zwarte Stern (Black Tern) van de Amerikaanse ondersoort surinamensis keerde wél terug in de haar welbekende sternenkolonie in het noordoosten van Engeland. Ze is net als twee jaar geleden gepaard met een Noordse Stern (Arctic Tern). Het eerste voorjaarsgeval van Brilparula (Northern Parula) ooit in de WP was van 23-26 mei op Fair Isle, Shetland. De Amerikaanse Grote Zee-eend (White-winged Scoter) van Fife, Schotland, laat zich de laatste weken uitstekend zien en associeert zich met een Eider (Common Eider).

Amerikaanse Grote Zee-eend Melanitta deglandi, Fife, Schotland, 20 mei (Talia Porter)

Noord-Europa

De voorspelling in de vorige WP Rarities Recap was nog niet online gezet, of er werd al een Steppehoen (Pallas’s Sandgrouse) gemeld vanuit Finland op 2 mei. Zoals zo vaak met deze soort was de magie alleen weggelegd voor de (in dit geval niet-vogelende) ontdekker, die met zijn telefoon een filmpje van de vogel maakte in de uitgestrekte bossen in het zuidoosten van Finland, nabij Ilomantsi. Alle vijf de waarnemingen in de WP sinds 1990 komen uit Finland (1992, 2010, 2023 en 2026) of Oekraïne (2009). Alleen het Finse geval van 29 juli-2 augustus 2010 bleek twitchbaar.

Steppehoen Syrrhaptes paradoxus, Ilomantsi, Finland, 2 mei (Joonas Halonen)

Op Lågskär, Lemland, werd op 15 mei de tweede Groene Fitis (Green Warbler) gezien voor Finland. Het eerste geval in 2012 was ook op dit eilandje in de Oostzee vastgesteld. Beide Zweedse Amerikaanse Watersnippen (Wilson’s Snipe) keerden op 2 mei terug op exact dezelfde plek als vorig jaar, nabij Storfors en Storsjö. Op Stora Fjäderägg werd op 14 mei een Zwartkeelheggenmus (Black-throated Accentor) gevangen. Plezierfeit: dit is het tweede Zweedse voorjaarsgeval, na 1988, toen het eerste Zweedse geval werd geringd op ditzelfde eilandje in de Oostzee. Als je geïnteresseerd bent in ringen, rui of leeftijdsbepaling is de facebook-pagina van The BirdStudio warm aan te bevelen.

Zwartkeelheggenmus Prunella atrogularis, Stora Fjadderagg, Zweden, 14 mei (Noel Hohental)

In Noorwegen kwamen oost en west samen, met een Maskergors (Black-faced Bunting) van 11-17 mei bij Vagsvollmarka en een Witkeelgors (White-throated Sparrow) op 18 mei bij Myken. IJsland was op de Amerikaanse toer met een zevende Amerikaanse Meerkoet (American Coot) in Sandgerði op 1-12 mei, een Amerikaanse Zwarte Eend (American Black Duck) niet ver daarvandaan op 23 mei en een claim van een Amerikaanse Torenvalk (American Kestrel) op 2 mei in Flói NR.

Centraal Europa

Langs de Oostzee kust werd een Audouins Meeuw (Audouin’s Gull) gemeld op 24 mei vanaf het Duitse eilandje Greifswalder Oie. Analyse leerde dat dit een andere vogel is dan het recente Nederlandse geval. Eerder in de maand en eveneens aan Oostzee werd een Afrikaanse Vink (African Chaffinch) gezien en wel op 1 mei bij Geltinger Birk. Een Jufferkraanvogel (Demoiselle Crane) werd gezien in Barnbruchwiese op 2 mei. De vogel lijkt goede papieren te hebben om als tweede geval voor Duitsland aanvaard te worden. Een groep van 53 Vale Gieren (Griffon Vulture) nabij Geel, België op 24 mei volgde de tropische temperaturen richting Noordwest-Europa en behoort tot de grootste groepen gieren die zijn vastgesteld in de Lage Landen; zie ook boven aan het begin van de Terugblik, onder "Hoogtepunten". Op de eilanden ten zuiden van Bretagne zijn nog steeds een Brilstern (Bridled Tern) en maximaal twee Sierlijke Sterns (Elegant Tern) te vinden. Hier was ook de alweer 21e (!) Kleinste Strandloper (Least Sandpiper) voor Frankrijk aanwezig van 19-21 mei. Je vraagt je af waarom Nederland nog geen enkel geval heeft. We hebben dan wel de Afrikaanse fuik, maar we kunnen gerust vaststellen dat we ook liggen in de Grote Amerikaanse Depressie.

Oost-Europa

De gestage expansie van de Dwergaalscholver (Pygmy Cormorant) in Europa heeft ook Polen bereikt. In 2025 broedde soort voor het eerst succesvol in Polen, met maar liefst tien paar in Czupryński Pond, nabij Krakau. Ook de Cetti’s Zanger (Cetti’s Warbler) zet haar uitbreiding voort, getuige gevallen in Polen en Litouwen. Een claim van een Oostelijke Putter (Grey-crowned Goldfinch) op 17 april 2025 in Kazachstan, net binnen de WP grenzen, bleek loos alarm te zijn. Geen nieuwe Avilist- soort derhalve voor de WP sensu BWP. Ook dit jaar werd aan de monding van de Oeralrivier ten minste één Zwartkopbuidelmees (Black-headed Penduline Tit) gezien, binnen de grenzen van de WP. In dit gebied komen zuivere exemplaren regulier voor, alsook hybride vogels, die kruisen met de Kaspische ondersoort van de Buidelmees (Eurasian Penduline Tit). Het is dan onduidelijk waarom de Zwartkopbuidelmees (Black-headed Penduline Tit) niet op de WP sensu BWP-lijst staat, zo geeft de auteur van dit standaardwerk over Kazachstan aan, en de soort zou toegevoegd moeten worden aan deze lijst.

Zuid-Europa

Op 20 mei werd nabij Lecce de eerste Koerdische Tapuit (Kurdistan Wheatear) voor Italië ontdekt, pas het tweede Europese geval ooit. Alweer de derde Sporenkievit (Spur-winged Lapwing) dit jaar in Spanje zat op 22-23 mei nabij Aranjuez. Er is slechts één eerder geval in Spanje en er is nog niet besloten over de status van deze soort in het land. Maximaal drie Sierlijke Sterns (Elegant Tern) verbleven in Salinas de Pinet, net onder Alicante. De fraaie Kleine Flamingo (Lesser Flamingo) verbleef nog op Lesbos, Griekenland.

Noord-Afrika

Een van de twee Maskergenten (Masked Booby) die aanwezig is op Brava, Kaapverdië, lijkt gepaard te zijn met een Bruine Gent (Brown Booby). Dit lijkt niet het eerste jaar waarin dat aan de hand is, aangezien er eveneens twee hybride vogels in de kolonie van Bruine Genten aanwezig zijn. De tweede Amerikaanse Bontbekplevier (Semipalmated Plover) dit voorjaar op Sal, Kaapverdië werd ontdekt op 13 mei.

Amerikaanse Bontbekplevier Charadrius semipalmatus, Sal, Kaapverdië, 13 mei (Uwe Thom)

Het drama met het hantavirus op de Hondius raakte de vogelaarsgemeenschap hard afgelopen maand. Voor de vogelaars die al op de Kaapverden waren voor de (gecancelde) West African Pelagic bood een fraai te fotograferen Zwartkapstormvogel (Black-capped Petrel) nabij Fogo op 7 mei ongetwijfeld enige positieve afleiding.

Zwartkapstormvogel Pterodroma hasilata, voor Fogo, Kaapverdië, 7 mei (Jaap Gijsbertsen)

En nog eentje omdat ze zo gaaf zijn...

Zwartkapstormvogel Pterodroma hasilata, voor Fogo, Kaapverdië, 7 mei (Jaap Gijsbertsen)

Ook nabij Madeira werd een fraai exemplaar gezien en wel op 14 mei. Op Madeira werd op 21 mei een Groene Reiger (Green Heron) vastgesteld.

Gedurende 1-12 mei werden in Jbel Moussa, Marokko, maar liefst 25 Rüppells Gieren (Rüppell’s Vulture) geteld op hun migratie noordwaarts. Ook werden twee Witruggieren (White-backed Vulture) gezenderd. Eén van de vogels heeft inmiddels Spanje bereikt. De andere vogel heeft de overtocht niet gehaald en is verdronken in zee. Op 9 mei vloog de tweede Bateleur (Bateleur) voor Tunesië langs El Haouaria, Cap Bon. Het eerste geval dateerde uit 1990.

Bateleur Terathopius ecaudatus, Cap Bon, Tunesië, 9 mei (Mohamed El Golli)

Een nagekomen waarneming op dezelfde locatie betreft een onvolwassen Savannearend (Tawny Eagle) op 18 april. Dit zou een nieuwe soort voor Tunesië zijn. De determinatie was voer voor discussie, maar meerdere kenmerken lijken de beide Keizerarenden en andere verwante arendsoorten uit te sluiten.

vermoedelijke Savannearend Aquila rapax, Cap Bon, Tunesië, 18 april (Mohamed El Golli)

Net onder Cairo, Egypte, werd op 26 mei een tweetal Driebandplevieren (Three-banded Plover) ontdekt bij Lake Qaroun.

Midden-Oosten

Na vorig jaar is het ook dit jaar weer druk met Dunbekpijlstormvogels (Short-tailed Shearwater) in de Indische Oceaan en Perzische Golf. Op 7 mei werden twee vogels gezien in de baai van Koeweit, oplopend naar 24 exemplaren op 12 mei. Dit betreft pas het vierde geval voor Koeweit en het zevende geval voor de WP sensu BWP.

Dunbekpijlstormvogel Ardenna tenuirostris, Kuwait, 11 mei (Omar Alshaheen)

En nog eentje dan ...

Dunbekpijlstormvogel Ardenna tenuirostris, Kuwait Bay, 11 mei (Omar Alshaheen)

De eerste Lachmeeuw (Laughing Gull) voor Israël werd op 7 mei gemeld nabij Haifa. Even boven Tel Aviv werd een Basrakarekiet (Basra Reed Warbler) geringd op 22 mei. Vooralsnog is er geen spoor van de Zijdestaarten (Grey Hypocolius), die vorig jaar de show stalen met een succesvol broedgeval nabij Eilat.

De Glazen Bol

In juni kunnen we natuurlijk weer alles verwachten! Er zijn wel wat knallers die voor het eerst in de maand juni in Nederland werden vastgesteld: Bruinkopgors in 1933, Reuzenzwartkopmeeuw in 1946, Indigogors in 1983, Sierlijke Stern in 2002, Indische Kievit, Groene Fitis en Grijskopkievit – de laatste drie zelfs in dezelfde maand in 2019 - plus de Bergkalanderleeuwerik in 2020.

Groene Fitis Phylloscopus nitidus, Driewegen (Zld), 7 juli 2023 (Marcel Klootwijk)

Er is dus niet veel reden om thuis te blijven. Gelukkig mogen we ook met minder tevreden zijn; een Bijeneter, een Hop of een mooi mannetje Roodmus maken ons natuurlijk ook altijd blij, en dat geldt ook voor de niet-te-bevatten balts van de Watersnip!

Het DB Terugblik-team wenst iedereen weer heel veel zoekplezier…!

We willen alle waarnemers en fotografen hartelijk bedanken voor hun bijdragen aan dit verslag. We would like to thank all observers and photographers for their contributions to this report.

Wim Wiegant & Eduard Sangster

Discussie

Wim Wiegant
 ·  5 juni 2026  11:41, gewijzigd 6 juni 2026  17:54

Natuurlijk danken de auteurs de heren Garry Bakker voor fact-checking en taalkundige correcties, en Toy Janssen voor zijn inspanningen op het gebied van de ICT.
Zonder hun geruststellende expertise zou het leven van de auteurs een hel zijn....

Jan Hein van Steenis
 ·  5 juni 2026  13:19, gewijzigd 5 juni 2026  13:19

De lichte fase Dwergarend heeft toch juist zwarte stippels op de witte ondervleugeldekveren, of ben ik nou gek(gemaakt)?

Wim Wiegant
 ·  5 juni 2026  13:44, gewijzigd 5 juni 2026  13:44

Nee, ík ben gek geworden van de stippels, die je overigens op de foto niet kunt zien.
Ik heb het aangepast...

Eduard Sangster
 ·  5 juni 2026  21:33, gewijzigd 5 juni 2026  21:33

De Wahlbergs Arend hierboven is nog eens kritisch bekeken en blijkt een Zwarte Wouw. De tekst zal, als het bier op is, worden aangepast.

Wim Wiegant
 ·  6 juni 2026  00:36, gewijzigd 6 juni 2026  00:36

Het bier is op, en de tekst radicaal aangepast ...
Don't you Wahlberg's Eagle me ...

Wim Wiegant
 ·  10 juni 2026  17:08, gewijzigd 10 juni 2026  17:08

Excuus aan Jan Hein van Steenis.
Door een fout mijnerzijds waren de aanpassingen aan de tekst over de stippels van de Dwergarend niet opgeslagen.
Dat is nu wel gebeurd.

Han Buckx
 ·  11 juni 2026  09:22, gewijzigd 11 juni 2026  09:22

Dank weer voor je fraaie overzicht, Wim.

De Griel werd op 3 mei gezien bij het zweefvliegveld in het Noordhollands Duinreservaat (ipv de AWD).

Gr., Han

Wim Wiegant
 ·  11 juni 2026  13:56, gewijzigd 11 juni 2026  13:56

Aangepast...

Gebruikers van het forum gaan akkoord met de forumregels.

Feedback?