Oostelijke Smyrnagors

Emberiza cineracea semenowi  ·  Eastern Cinereous Bunting

Datum 15 mei 2023
Locatie Nemrut
Fotograaf Eduard Sangster Eduard Sangster
Bekeken 1940 ×

Discussie

Peter de Knijff  ·  21 mei 2023  20:03, gewijzigd 21 mei 2023  20:06

Die schattingen lijken me erg laag. Moet er even induiken voor de exacte aantallen, want lang geleden (jaren 90), maar mijn indruk tijdens drie jaar lijntransecttellingen op Lesbos gaven mij de indruk dat het een zwaar ondertelde soort was. 

Is lastig te inventariseren want de zang valt niet erg op, lijkt voor veel mensen erg op die van Bruinkeelortolaan, en draagt niet ver. 

Overwinteringsgebied grotendeels onbekend, waarnemingen uit (noord)oost Afrika in de periode november-februari zijn uiterst schaars. 

Werd overigens eerst als cinerea beschreven, maar die naam is om voor mij nooit opgehelderde redenen later vervangen door de huidige naam cineracea. 

Max Berlijn  ·  22 mei 2023  04:48

Op 21-02-2008 zagen we twee nominaat vogels bij een kat plantage bij Al Mahweet in Yemen. Overwinteringsplek?

Peter de Knijff  ·  22 mei 2023  06:43

Misschien Max, er zijn wat waarnemingen uit Yemen en “aan de overkant”, maar altijd slechts enkelingen, van beide ondersoorten overigens. Ook de doortrekkers in Israel betreffen beide ondersoorten (eind maart - begin april).

George Sangster  ·  22 mei 2023  09:51

Walther, BA 2006. The winter distribution and habitat use of the near-threatened Cinereous Bunting Emberiza cineracea. Sandgrouse 28(1): 52-57. (vermoedelijk alleen toegankelijk voor mensen met een ResearchGate account)


Peter de Knijff  ·  22 mei 2023  10:19, gewijzigd 22 mei 2023  10:30

Aanvulling op de aantallen:

In 1995, 1996 en 1998, telde ik in totaal 137, 162 en 95 zingende mannetjes op Lesbos. Dit komt neer op minimaal 0,12  per hectare tot maximaal 0.21 per hectare. Het totaal aantal vogels op Lesbos moeten in die jaren beduidend hoger zijn geweest, want mijn telroutes (nagenoeg identiek in de drie teljaren, telkens rond de 770 hectare) dekten maar een klein deel van de geschikte biotoop (maximaal 10%).

De tellingen werden tussen 20 april en 15 mei gedaan. Dat is aan de late kant, liever had ik dit begin april willen doen, maar vluchten waren toen nog erg schaars. In sommige jaren (o.a. 1996, was er sprake van een “laat” broedseizoen op Lesbos, dus was ik er prima op tijd. In 1998 was de zangactiviteit erg laag (ik was wellicht echt te laat), ook van begeleidende soorten. 

Bedankt voor de link George ik kende zijn 2004 artikel, niet deze opvolger.

Gebruikers van het forum gaan akkoord met de forumregels.

Feedback?