Brileider aanvaard als nieuwe soort voor Nederland
25 september 2025 · Enno B. Ebels · 3959 × bekeken
De ontdekking van een mannetje Brileider Somateria fischeri bij de IJzeren Kaap langs de oostkust van Texel, Noord-Holland, in de middag van 13 januari 2025 door Elian Hijne en Maurice Prins was misschien wel de meest onverwachte ontdekking van een dwaalgast ooit in Nederland. Binnen korte tijd waren vogelaars van het eiland ter plaatse en voor donker konden nog c 200-300 vogelaars van de vaste wal de vogel zien. Op foto’s van de opvliegende vogel was te zien dat deze ongeringd was. De volgende dag bleek hij tot opluchting van ‘de rest’ van vogelend Nederland nog aanwezig en de dagen daarna bleef hij trouw aan een strook water van ca 1 km lengte op enkele 100en meters van de dijk, en soms wat dichterbij. Het nieuws ging als een lopend vuurtje door Europa en naast 1000en vogelaars uit Nederland kwamen er ook vele 100en uit heel Europa en soms daarbuiten naar Texel, gedreven door het feit dat deze zeldzame eidersoort in de wereld zeer lastig te bezoeken is en eigenlijk alleen in sommige delen van Noord-Alaska, VS, ‘te doen’ is - tegen hoge kosten en met een flinke tijdsinvestering. Veel Nederlandse vogelaars bezochten de vogel een tweede (derde, vierde, …) keer en op dagen zonder mist en met een rustige zee werden steeds mooiere foto’s gemaakt. Hij trok op met Eiders S mollissima maar was meestal wat los van de groepjes Eiders te vinden. Hij bleef maandenlang in ongeveer hetzelfde gebied. Vanaf april werden waarnemingen onregelmatiger en schoof hij wat op naar het noordoosten van het eiland en zat hij vaak op zeer grote afstand van de dijk. Op 26 april pleisterde hij enkele uren binnendijks op het droge bij Utopia maar dit gedrag werd niet herhaald. Op 11 juni werd hij voor het laatst waargenomen (en gefotografeerd) bij de Volharding bij De Cocksdorp.
Toen zijn vertrek definitief (b)leek werd het geval ingediend. De determinatie kostte de CDNA weinig hoofdbrekens: Brileider is een zeer karakteristieke soort en verwarring met andere soorten is niet aan de orde. De leeftijdsbepaling was al wat lastiger. Op basis van de grijze tekening in de tertials was het geen volledig adult mannetje maar de meningen verschilden of het een derde-, vierde- of vijfde-kalenderjaar was. De CDNA koos voor de veilige optie van ‘subadult mannetje’ en hoopt dat nadere studie wellicht nog tot een preciezere leeftijdsbepaling kan leiden. De status leverde de meeste discussie op (categorie A, D of E), omdat deze soort eigenlijk niet ’op de radar was’ vanwege het ontbreken van gevallen in Europa buiten het extreme noorden. Gedrag, gezelschap, locatie en ongeringdheid wezen niet in de richting van een escape; categorie E viel daarmee af. Het is een soort waarvan geen bewezen escapes bekend zijn en die in staat moet worden geacht om op eigen kracht naar Nederland af te dwalen, net zoals Koningseiders S spectabilis dat (vaker) doen. Ook categorie D was daarmee geen logische optie, hoewel de soort in kleine aantallen in gevangenschap bekend is op verschillende plekken in Nederland. Exemplaren in gevangenschap zijn in de regel geringd en vaak geleewiekt en het zijn kostbare vogels. De kans op een escape zonder zichtbare kenmerken en met natuurlijk gedrag is daardoor erg klein. Het ontbreken van eerdere gevallen in West-Europa en ook het vrijwel ontbreken van dwaalgastgevallen in Noord-Amerika buiten Alaska zou een reden kunnen zijn om voorzichtigheidshalve toch voor categorie D te kiezen maar de CDNA achtte dit geen logische keuze. Brileider broedt in Oost-Siberië, Rusland, en Alaska en overwintert in wakken in het pakijs van de Beringzee; het voorkomen van dwaalgasten uit het Pacifisch gebied is niet zonder precedent (bijvoorbeeld bij sommige soorten alkachtigen) en de gevallen van Brileiders in Noord-Noorwegen en de Noordelijk IJszee (vijf gevallen van 10 exemplaren in de WP, tot c 5000 km afstand van de Beringstraat) geven aan dat deze soort over grote afstanden kan afdwalen. Wellicht dat het smelten van poolijs en het ontstaan van nieuwe vlieg- of zwemroutes met open water daar een rol in spelen. Alles overziend vond de CDNA een wilde herkomst het meest waarschijnlijk en de soort is toegevoegd aan categorie A van de Nederlandse avifaunistische lijst.
Summary A subadult male Spectacled Eider Somateria fischeri stayed on the eastside of Texel, Noord-Holland, the Netherlands, from 13 January to 11 June 2025. During its stay, it attracted many 1000s of visitors from the Netherlands, all over Europe and beyond. The record has been accepted and the species was added to category A of the Dutch list. Identification was straightforward (Spectacled is an unmistakable species) but ageing was slightly more complicated; the bird was not fully adult but may have been a third-, fourth- or fifth-calendar year (further research may lead to a more exact judgement). It showed no sign of having been in captivity (unringed, fully winged, not tame and behaving in a natural way, often close to Common Eiders S mollissima) but note that the species is kept in small numbers in the Netherlands. Based on location, plumage, behaviour and previous records in the extreme north of the Western Palearctic, far away from the breeding and wintering areas around the Bering Strait, the Dutch rarities committee concluded that a wild origin was most likely and that there was no firm reason to place the species in category D. This was probably the most unexpected and most popular of all vagrants in the Netherlands to date.
